Wie eens rondwandelt in de sociale media, leest heel wat berichten over hoe het vroeger was. Schoolfoto’s van 50 jaar oud of minder, een winkel die intussen al lang is afgebroken, een straat die intussen heraangelegd en geasfalteerd is … Alles is goed om zeemzoete herinneringen aan de blijkbaar goede oude tijd boven te halen. Want, laat dat duidelijk zijn: vroeger was alles beter. Enfin, wijzelf in elk geval.
Maar is het wel nodig dat we in Vlaanderen van alles proberen te bewaren? Erfgoed heet dat. Wie eens in de inventaris van dat Onroerend Erfgoed kijkt, vindt daar heel wat oude en minder oude gebouwen. In elke gemeente moet er wel wat bewaard worden. Omdat het oud is. Of het allemaal wel de moeite van het bewaren waard is, is een andere vraag. Natuurlijk, zeggen de bewaarders. Dat is allemaal door raden en commissies gegaan en die hebben vastgelegd wat van waarde is. Dan toch even vloeken in de kerk: wordt er niet (te) veel bewaard, omdat het nu eenmaal kan? Zitten er tussen al die stukken niet heel wat zaken die zonder spijt aan de tand des tijds mogen worden blootgesteld? Want al dat klasseren kost natuurlijk ook een boel geld en net aan dat laatste hebben we nu tekort.
Wie eens in de inventaris van dat Onroerend Erfgoed kijkt, vindt daar heel wat oude en minder oude gebouwen.
Is die zucht naar het beschermen en bewaren geen vorm van ontsnappen uit de werkelijkheid van het heden? We gaan terug naar een vroeger dat er beter en perfecter uitzag omdat we niet gelukkig zijn met het heden.
Moeten we dan alles weggooien of laten verkrotten? Zeker niet, maar misschien moet de lat wat hoger worden gelegd en moeten we selectiever met dat erfgoed omgaan. Niet alles moet blijven. Als men ziet hoe onzorgvuldig men met onze natuur, zoveel diersoorten, omgaat, dan lijkt de verering van de stenen getuigen, toch een luxe. Die we ons nog moeilijk kunnen permitteren.
P.S. Wie het hier niet mee eens, mag altijd reageren natuurlijk!