Misschien herinnert u zich nog de film The long, hot summer met Paul Newman, Orson Welles en Joanne Woodward. Of de bewerking voor televisie uit 1985. Zo broeierig als het toen was, is het de voorbije weken ook wel geweest. Veel zon zodat zelfs het gras er gebruind bij ligt. Tijdens de toppen van de hittegolf was slapen niet zo makkelijk en we hebben weken van oversterfte gehad.
Nu is dat in een land waar meestal Koning Regen aan de macht is, eens een niet altijd onaangename afwisseling. Maar té is te veel. Wij zijn een gematigd volkje en als het wat buiten de grenzen gaat, is men snel ontevreden. Maar wat moeten de mensen in het zuiden dan zeggen? Portugal, Spanje, Frankrijk stonden en staan in brand. Ondanks alle inspanningen slaagt men er niet in het vuur onder controle te houden. Spectaculaire beelden, maar we moeten toch eerst denken aan de ellende voor de mensen die daar wonen. Niet enkel bossen worden aangetast.
Portugal, Spanje, Frankrijk stonden en staan in brand
Dan is het moeilijk te begrijpen dat sommigen (op de asociale media) menen dat er eigenlijk niets aan de hand is. De branden zijn voor 90 % aangestoken, beweren zij. En er zijn branden door mensen vrijwillig in gang gezet, maar een veel kleiner percentage. Waarom wil men dan laten geloven dat het anders is? Omdat men zeker niet wil inzien dat die vernielende branden een gevolg zijn van een klimaatverandering waar wij mensen grotendeels voor verantwoordelijk zijn. Omdat men dat verspillende leven van ons verder wil zetten.
Misschien is er een kans dat door al die verwoesting zal worden nagedacht over onze manier van leven, ons gebrek aan zorg voor de omgeving. Of zal men dat hier pas doen als de vuren de Ardennen of gebieden nog dichterbij bereiken? Misschien gaan we inzien dat het beter is zulke zaken te voorkomen dan met vliegtuigen en honderden brandweerlui de strijd aan te gaan. Of vergeten we ook dit zodra het ergste voorbij is?