Bijverdienen na je pensioen

Kan je met je pensioen moeilijk rond komen? Of wil je graag nog bijklussen? Ook als gepensioneerde, of als huwelijkspartner van een gepensioneerde die een gezinspensioen ontvangt, kan je iets bijverdienen. De ‘toegelaten arbeid’ zal in principe niet voor extra pensioenrechten zorgen. Maar wat mag je bijverdienen en welke voorwaarden gelden er?

Wanneer kan je onbeperkt bijverdienen tijdens je pensioen?

  • Vanaf je 65 jaar indien je een eigen rustpensioen ontvangt
  • Als je jonger bent dan 65 jaar maar minstens 45 jaar gewerkt hebt bij ingang van je pensioen
  • Als je een overgangsuitkering ontvangt (indien je niet voldoet aan de voorwaarden van een overlevingspensioen)

In alle andere situaties zijn er inkomensgrenzen voorzien die je moet naleven. Als je deze grenzen overschrijdt, kan je een boete krijgen in de vorm van pensioenvermindering of pensioenschorsing het jaar nadien.

Als gepensioneerde heb je enkel een ‘meldingsplicht’ ten opzichte van de FPD (Federale Pensioendienst). Je moet je beroepsactiviteit enkel aangeven als je je eerste
pensioen nog moet ontvangen. Dit zal ook gevraagd worden in het bundeltje dat je zal ontvangen bij de aanvraag van je pensioen.

Inkomensgrenzen

De grensbedragen worden jaarlijks op 1 januari aangepast. Voor een actueel overzicht verwijzen we je naar de website van de Federale Pensioendienst. Maar van wat hangt nu juist het bedrag af dat je mag bijverdienen?

  • Je leeftijd of die van je huwelijkspartner die bijverdient als je een gezinspensioen hebt
  • Het aantal loopbaanjaren vóór je pensioen
  • In welk stelsel dat je een pensioen ontvangt (werknemer, zelfstandige of ambtenaar)
  • De reden van je pensionering (enkel voor ambtenaren)
  • Welk soort pensioen (rust- of overlevingspensioen)
  • Kinderen ten laste
  • De ingangsdatum van je pensioen
  • Welk beroep je zal doen in toegelaten arbeid
  • Het kalenderjaar waarin je bijverdiende

Schematische voorstelling van de algemene regeltjes en de bedragen(bron: Federale Pensioendienst):

Enkele belangrijke kanttekeningen bij deze tabel:

  • Indien je een ambtenarenpensioen hebt dat samengesteld is uit een rustpensioen en een supplement gewaarborgd minimum, dan mag je slechts maximum € 1100,59 bruto per jaar bijverdienen. Verdien je meer bij, dan kan je het supplement kwijtraken.
  • De hierboven beschreven bedragen zijn bij het bijverdienen als werknemer of ambtenaar altijd BRUTO, als zelfstandige NETTO.
  • Als jij of je huwelijkspartner kinderbijslag ontvangt voor een kind ten laste dan mag slechts één huwelijkspartner de verhoogde grenzen met de kinderlast toepassen zoals aangegeven in de tabel.  Indien de kinderbijslag wegvalt, dan zijn het opnieuw de bedragen zonder kinderen ten laste die dienen toegepast te worden.
  • De datum van ingang van je pensioen is van belang om een correct bedrag te kunnen berekenen van je toegelaten arbeid.  De bedragen in de tabel zijn bedragen voor personen die vanaf 1/01 van een bepaald jaar in pensioen gaan. Om het correct bedrag te kunnen berekenen zal er gekeken worden naar de juiste maand van ingang van je pensioen en zo in verrekening gebracht worden met het bedrag in bovenstaande tabel.  
    • Voorbeeld:  iemand zijn pensioen is in gegaan op 1/05/2022. Hij was jonger dan 65 jaar en had geen 45 loopbaanjaren. Hij verdient bij als werknemer, zonder kinderen te laste.  Zijn berekening is als volgt: € 8634: 12 maanden x het aantal maanden dat vallen na zijn ingangsdatum van zijn pensioen: 8634 : 12 x 8 maanden = € 5756 bruto voor het jaar waarin hij op pensioen is gegaan, dus voor 2022. Vanaf 1/01/2023 mag hij opnieuw het jaarbedrag van € 8634 bruto bijverdienen (waarschijnlijk zal dit iets hoger zijn gezien de aanpassing vanaf 1/01).
    • Ga je op pensioen op 1 december 2022, dan mag je slechts 8634 : 12 x 1 maand = € 719.50 bruto bijverdienen.

Welke inkomsten tellen mee?

De Pensioendienst houdt rekening met elke activiteit die een inkomen of een vergoeding oplevert in België, het buitenland of in dienst van een internationale instelling. Indien je een gezinspensioen hebt, wordt er ook gekeken naar de inkomsten uit de activiteit van je huwelijkspartner. 

Flexi-job

Wil je niet meer voltijds aan het werk, dan kan je als gepensioneerde ook voor een flexi-job kiezen. Je moet voldoen aan een van de volgende voorwaarden:

  • Je bent 65 jaar of ouder op het moment dat je de flexi-job gaat doen,
  • Of je hebt in het 3de kwartaal voorafgaand aan de flexi-job minstens 4/5de van een voltijdse tewerkstelling uitgeoefend bij één of meerdere andere werkgevers,
  • Of je staat in het 2de kwartaal voorafgaand aan de flexi-job reeds vermeld in het pensioenkadaster (alleen vanaf de leeftijd van 50 jaar).

Ook volgende voorwaarden gelden tijdens het kwartaal van het uitoefenen van een flexi-job:

  • Je bent niet tewerkgesteld bij dezelfde werkgever met een ander contract van minstens 4/5de van een voltijdse tewerkstelling,
  • Je mag je niet in een opzegperiode bevinden bij diezelfde werkgever,
  • De werkgever moet al je flexijobs registreren en bijhouden.

Andere vormen van bijverdienen

  • Bijklussen
  • Onthaalouder
  • Vrij beroep, ambt, mandaat
  • Scheppen van wetenschappelijk werk
  • Politieke en andere mandaten

Heel wat regels waardoor het soms moeilijk wordt om te weten of het nu wel of niet mag als gepensioneerde. Bij twijfels neem je best contact op met de RSZ op het nummer 02 509 59 59, op basis van je rijksregisternummer kunnen zij nakijken of je aan de voorwaarden voldoet.

Dit is een artikel uit S-Plus Mag januari-februari-maart 2023. Voor actuele informatie verwijzen we je naar de website van de Federale Pensioendienst.

Pensioen van uit de echt gescheiden partner

Heel veel mensen komen tijdens mijn zitdag hun dossier bespreken inzake hun toekomstig pensioen. Meestal is dit een kwestie van een klein halfuurtje en zijn alle nodige stappen besproken. Wat de meeste bezoekers echter niet weten, is dat er in sommige gevallen nog iets extra uit de bus kan vallen. Velen zijn niet op de hoogte dat je na een echtscheiding als gepensioneerde een zogenaamd echtscheidingspensioen kan ontvangen. Maar wat houdt dat nu exact in?

Voorwaarden

Je moet aan 4 voorwaarden voldoen om recht te hebben op een echtscheidingspensioen:

  1. Je moet gehuwd zijn
  2. Je moet aanspraak kunnen maken op je eigen vervroegd of wettelijk pensioen
  3. Je mag niet veroordeeld geweest zijn dat je jouw ex-partner naar het leven hebt gestaan
  4. Je mag niet hertrouwen. (Je kan het wel behouden als je opnieuw trouwt en je partner komt te overlijden of als je opnieuw in een echtscheiding zit).

Regeling bij statutair ambtenaar

Toch kan niet iedereen hier van genieten. Het is niet zo dat deze wet opgenomen is in elk pensioenstelsel. Heeft je huwelijkspartner een volledige carrière in de privésector als bediende, arbeider of zelfstandige, dan is er geen probleem. Ben je gehuwd met een statutair ambtenaar en je gaat scheiden, dan heb je er geen recht op. In dergelijke gevallen heeft de Belgische Staat iets anders voorzien. De wetgeving stelt dat je moet wachten tot je ex-huwelijkspartner is komen te overlijden. Op dat moment kan je een berekening krijgen voor het overlevingspensioen van uit de echt gescheiden ambtenaar. Zelfs als je ex-partner opnieuw gehuwd is, zal jij in eerste instantie de mogelijkheid hebben om het overlevingspensioen op te vragen binnen de 12 maanden na overlijden. De huidige partner zal tot je aanvraag het overlevingspensioen volledig ontvangen. Na goedkeuring zal het bedrag gedeeld moeten worden, wat zelfs kan oplopen tot de helft van het overlevingspensioen. Het gedeelte van de ex-partner is wel beperkt tot maximum de helft van het overlevingspensioen.

Regeling binnen de privésector

Opeenvolgende echtscheidingen
In geval van opeenvolgende echtscheidingen heb je recht op meerdere rustpensioenen als uit de echt gescheiden huwelijkspartner.

Voor de loonberekening wordt een onderscheid gemaakt tussen een feitelijke en een wettelijke scheiding

Aanvraag

Het onderzoek zal automatisch starten bij het opvragen van je eigen pensioen. Mypension houdt immers je burgerlijke stand bij op het moment van aanvraag. Je hoeft er dus zelfs niets voor te doen. Heb je al een eigen pensioen op het moment van de echtscheiding? Dan zal je een aanvraag moeten indienen om het onderzoek te starten, tenzij je op het moment van scheiding een gezinspensioen ontvangt. Dat kan allemaal aangevraagd worden via Mypension.

Bedrag
Het echtscheidingspensioen wordt op dezelfde manier als het rustpensioen berekend. Voor de jaren tijdens de huwelijksperiode wordt het berekend op basis van de loopbaan van de ex-partner. De huwelijksperiode start op de dag van het huwelijk en eindigt op de dag waarop de echtscheiding overgeschreven wordt in de registers van de burgerlijke stand.

Welke jaren worden NIET meegenomen in de berekening tijdens de duur van het huwelijk?

  1. De jaren dat er tewerkstelling was als ambtenaar of er sprake was van een buitenlandse pensioenregeling, met uitzondering de periode van tewerkstelling als zelfstandige.
  2. De jaren waarin je zelf persoonlijk een pensioen ontvangen hebt.

Hoe worden lonen berekend?

Hier wordt een onderscheid gemaakt tussen een feitelijke scheiding en een wettelijke scheiding.

Berekening bij wettelijke scheiding

Het echtscheidingspensioen wordt berekend op basis van 62,5 % van de lonen van de ex-huwelijkspartner. Van dat loon wordt jouw eigen loon als werknemer afgetrokken:

  1. Is je eigen loon lager dan 62,5 % van het loon van jouw ex-huwelijkspartner? Dan wordt het berekend op basis van het echtscheidingspensioen.
  2. Is je eigen loon gelijk aan of hoger dan 62,5 % van het loon van jouw ex-huwelijkspartner? Dan wordt er geen echtscheidingspensioen berekend.

Voorbeeld berekening bij feitelijke scheiding:

  1. De man ontvangt een eigen rustpensioen als alleenstaande van 10 000 euro per jaar. De vrouw ontvangt een pensioen als alleenstaande van 8000 euro per jaar. Na de feitelijke scheiding zal de vrouw haar eigen pensioen behouden, omdat het hoger is dan de helft van het pensioen van haar ex-partner aan het gezinsbedrag. (Gezinspensioen = 10 000 x 1,25 = 12 500 : 2 = 6250). De man zal in dit geval ook zijn rustpensioen als alleenstaande behouden. In een omgekeerde situatie zal het pensioen van de vrouw aangevuld worden tot de helft van het gezinspensioen, en wordt dat bedrag van het alleenstaande pensioen van de man afgetrokken.
  2. De man ontvangt een gezinspensioen van 22 000 euro per jaar. De vrouw heeft afgezien van haar eigen pensioen. Bij een feitelijke scheiding zullen ze beiden de helft van het gezinspensioen ontvangen.

Beperking tot een volledige loopbaan

Net als voor je eigen rustpensioen geldt voor het pensioen van uit de echt gescheiden huwelijkspartner de beperking tot de eenheid van loopbaan. Wanneer je loopbaan 14 040 dagen telt (45 jaren van 312 dagen), dan spreken we van een volledige loopbaan. In bepaalde gevallen moet de Federale Pensioendienst dagen schrappen bij de berekening van je pensioenbedrag. Deze schrapping noemen we de beperking tot de eenheid van loopbaan.

Besluit

Ben je gescheiden voor je op rustpensioen gaat, dan zal alles automatisch onderzocht worden bij aanvraag van je eigen vervroegd pensioen. Ben je reeds met pensioen en de scheiding gaat nadien pas in gang, dan moet je zelf een aanvraag doen bij de Federale Pensioendienst. Je kan ook contact opnemen met de pensioendienst van je eigen ziekenfonds, die je verder zullen helpen bij je aanvraag.

De pensioenbonus

Om mensen die langer werken te belonen, zal de pensioenbonus (opnieuw) ingevoerd worden. Zodra je voldoet aan de voorwaarden voor het vervroegd pensioen, begin je de pensioenbonus op te bouwen.

Deze regeling wordt ingevoerd voor werknemers, zelfstandigen en ambtenaren.

Wat is de pensioenbonus?

De pensioenbonus is een voordeel dat je krijgt bovenop je rustpensioen als je je beroepsactiviteit voortzet na je vroegst mogelijke pensioendatum. De pensioenbonus werd geschrapt op 1 januari 2015. Je kan de bonus wel nog krijgen als je al begonnen bent met hem op te bouwen voor de loopbaanjaren vóór 2015.
Het bedrag van de pensioenbonus verschilt naargelang het stelsel waarin je gewerkt hebt.

De Pensioendienst betaalt de pensioenbonus samen met je rustpensioen uit in één bedrag. Je krijgt de pensioenbonus enkel als:

  • je effectief met pensioen gaat
    en
  • de Pensioendienst je pensioen uitbetaalt.

De pensioenbonus is onderworpen aan dezelfde sociale en fiscale bijdragen als je rustpensioen en wordt op hetzelfde moment geïndexeerd.
Als je pensioen geschorst wordt, dan wordt je pensioenbonus ook geschorst. De Pensioendienst kan je pensioen schorsen omdat:

  • je huwelijkspartner een gunstiger gezinspensioen ontvangt;
    of
  • je een niet-toegelaten activiteit uitoefent.

Specifieke invloed op de ambtenarenpensioenen

  • Samengeteld mogen je pensioenbonus en je rustpensioen als ambtenaar niet meer bedragen dan 90 % van het referentieloon waarop je pensioen gebaseerd is. Zonder pensioenbonus is je rustpensioen beperkt tot 75 % van het referentieloon.
  • Je pensioen (met inbegrip van de pensioenbonus) is ook beperkt tot het absolute maximum van 81 622,85 euro bruto per jaar.

De pensioenbonus is een persoonlijk voordeel. Hij is dus niet overdraagbaar of verdeelbaar. Dat betekent dat je:

  • Als langstlevende huwelijkspartner geen aanspraak kunt maken op de pensioenbonus van je overleden huwelijkspartner;
  • Als uit de echt gescheiden of feitelijk gescheiden huwelijkspartner geen aanspraak kunt maken op een deel van de pensioenbonus van je (ex-) huwelijkspartner.

De pensioenbonus is echter wel overdraagbaar aan de langstlevende huwelijkspartner als zijn of haar overlevingspensioen berekend is op basis van een rustpensioen voor werknemers met een pensioenbonus die ingegaan is vóór 2014.

Berekening van de pensioenbonus voor werknemers

Voor de toekenning en de berekening van je pensioenbonus maakt de pensioendienst een onderscheid tussen 2 perioden waarin je je beroepsactiviteit kon voortzetten:

  • van 01/01/2006 tot 31/12/2013;
  • vanaf 01/01/2014.

De toekennings- en berekeningsvoorwaarden verschillen voor beide perioden.

Als je een pensioenbonus opgebouwd hebt in beide perioden, dan wordt de pensioenbonus voor elke periode berekend en worden beide pensioenbonussen bij elkaar opgeteld om de totale pensioenbonus te verkrijgen.

Je hebt recht op een pensioenbonus:

  • Voor de loopbaanjaren vanaf 01/01/2014, als je vóór 01/12/2014:
  • Voor de loopbaanjaren tussen 01/01/2006 en 31/12/2013:
    • vanaf het jaar waarin je de leeftijd van 62 jaar bereikt hebt;
      of
    • vanaf het jaar waarin je een loopbaan van minstens 44 kalenderjaren bewijst.

Welke dagen geven recht op de pensioenbonus?

  • Voor de loopbaanjaren vanaf 01/01/2014

Elke dag van effectieve tewerkstelling in de referentieperiode geeft recht op de pensioenbonus. De pensioenbonus wordt niet toegekend voor gelijkgestelde dagen.

Als je deeltijds gewerkt hebt, worden je dagen omgezet in voltijdse dagen.
De referentieperiode:

  • begint 1 jaar na je vroegst mogelijke pensioendatum of, indien je geen recht hebt op een vervroegd pensioen, vanaf het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd;
  • eindigt wanneer je rustpensioen effectief ingaat.

De referentieperiode kan ingaan vóór 01/01/2014, maar enkel de dagen gepresteerd vanaf 2014 geven recht op dit type pensioenbonus. Voor de dagen gelegen vóór 2014 heb je mogelijk recht op een pensioenbonus als de voorwaarden voor de periode tussen 01/01/2006 en 31/12/2013 vervuld worden.

  • Voor de loopbaanjaren tussen 01/01/2006 en 31/12/2013

De pensioenbonus wordt toegekend voor elke effectief gewerkte dag en voor elke gelijkgestelde dag (met een maximum van 30 gelijkgestelde dagen per kalenderjaar) tijdens de referentieperiode.

Als je deeltijds gewerkt hebt, worden je dagen omgezet in voltijdse dagen.

De referentieperiode:

  • begint op 1 januari van het jaar waarin je 62 jaar werd of het jaar van je 44e loopbaanjaar;
  • eindigt wanneer je rustpensioen effectief ingaat en, uiterlijk, wanneer je 65 jaar werd.
     

Welke dagen geven geen recht op de pensioenbonus?

  • Voor de loopbaanjaren vanaf 01/01/2014:
    • de gelijkgestelde dagen;
    • de dagen als grens- of seizoenswerknemer;
    • de dagen ten laste van een buitenlands stelstel;
    • de gewerkte arbeidsdagen na de ingangsdatum van uw pensioen in het kader van de toegelaten arbeid.
       
  • Voor de loopbaanjaren tussen 01/01/2006 en 31/12/2013:
    • de gelijkgestelde dagen na de 30e gelijkgestelde dag per kalenderjaar;
    • de dagen als grens- of seizoenswerknemer;
    • de dagen ten laste van een buitenlands stelstel;
    • de gewerkte arbeidsdagen na de ingangsdatum van uw pensioen in het kader van de toegelaten arbeid. 

Hoeveel bedraagt mijn pensioenbonus per dag?

Het bedrag hangt af van de periode waarin je je pensioenbonus opgebouwd hebt. Dit is een vast bedrag, zelfs bij de toekenning van een gezinspensioen.

  • Voor de loopbaanjaren vanaf 01/01/2014

Het bonusbedrag per dag loopt geleidelijk op in functie van het aantal maanden waarin je deze pensioenbonus opgebouwd hebt in de referentieperiode tot de dag waarop je met pensioen gaat. Om deze referentieperiode te bepalen, wordt ook rekening gehouden met de perioden waarin je een pensioenbonus opbouwde tussen 01/01/2006 en 31/12/2013.

  • Voor de loopbaanjaren tussen 01/01/2006 en 31/12/2013

Voor deze jaren geldt een vast bedrag per bonusdag, dat momenteel 2,4868 euro bedraagt (index 147,31).

Berekening van de pensioenbonus voor ambtenaren

Aan welke voorwaarden moet je voldoen om recht te hebben op een pensioenbonus?

Je blijft het recht op een pensioenbonus behouden als je vóór 1 december 2014:

Je krijgt geen pensioenbonus als je pensioen berekend wordt aan een loopbaanbreuk die voordeliger is dan 1/48 (omdat je hierdoor het maximumpensioen al na een veel kortere loopbaan bereikt).

Om de pensioenbonus toch te krijgen, kan je je diensten en perioden met een voordeligere loopbaanbreuk dan 1/48 laten vallen voor de berekening van je pensioen.

Wanneer start en eindigt de opbouw van de pensioenbonus?

De opbouw van je pensioenbonus start 1 jaar na de datum waarop je aan de algemene voorwaarden voldoet om vervroegd met pensioen te gaan.

De opbouw van een pensioenbonus kan nooit vóór de leeftijd van 61 jaar beginnen, ook niet als je van voordelige leeftijdsvoorwaarden geniet.

De opbouw van de pensioenbonus eindigt de laatste dag van de maand die voorafgaat aan de werkelijke ingangsdatum van je pensioen. De periode waarin je de pensioenbonus opbouwt, heet de referteperiode.

Welke dagen geven recht op een bonus?

  • De werkelijk gepresteerde dagen vanaf 1 januari 2014.
  • De perioden van verloven en afwezigheden met behoud van bezoldiging aan 100 %.

Voor de berekening van de pensioenbonus tellen we 22 werkdagen voor een volledige maand van werkelijk gepresteerde diensten.

Welke dagen geven geen recht op een bonus?

  • Je volledige of halve afwezigheidsdagen die niet bezoldigd zijn (bv. het verlof om dringende familiale redenen) geven geen recht op de pensioenbonus. Die dagen trekken we in de betrokken maand af van de 22 werkdagen. Dit geldt ook wanneer je onbezoldigde afwezigheid volgens je personeelsstatuut gelijkgesteld is met dienstactiviteit.
  • In geval van onvolledige prestaties wordt een vermindering toegepast naar rata van de verminderde prestaties.
  • De perioden van disponibiliteit.

Hoeveel bedraagt mijn pensioenbonus per dag?

  • De pensioenbonus is een forfaitair bedrag dat toegekend wordt per gewerkte dag.

Dit is een artikel uit S-Plus Mag oktober 2021.

Verhoging van de minimumpensioenen maar toch een lager netto-pensioen?

Verschillende leden contacteerden ons met de vraag waarom hun pensioen in januari 2021 plots lager lag dan voordien. Wij zochten voor jullie uit wat er precies aan de hand is en hoe dit komt.

Wat is er gebeurd?

Vorig jaar werd er beslist door de regering om de minimumpensioenen voor werknemers en zelfstandigen en de IGO (Inkomensgarantie Voor Ouderen) te verhogen.

Het minimumpensioen voor een volledige loopbaan wordt vanaf 1 januari 2021 stelselmatig opgetrokken naar een nettobedrag van 1500 euro per maand (of een bedrag dat overeenkomt met de bewezen jaren tussen 30 en 45 jaren) in 2024.

Vele gepensioneerden hebben nu gemerkt dat hun maandelijks pensioen op 1 januari 2021 gedaald is met 1 tot 5 euro en stellen zich hier vragen bij. Wat met de beloofde verhoging?

Wat heeft er zich voorgedaan?

Heel veel gepensioneerden vonden dat er maandelijks te weinig bedrijfsvoorheffing (belasting) werd ingehouden op hun pensioen, waardoor ze op het einde van de rit, in hun afrekening van de personenbelasting, teveel in één keer moesten bijbetalen.

De FOD (Federale Overheidsdienst) Financiën heeft daarom de beslissing genomen om de berekening van de bedrijfsvoorheffing (belasting) aan te passen, echter zonder de administratie van de dienst pensioenen op de hoogte te brengen.  Omdat de administratie niet op de hoogte was, werd ook geen enkele gepensioneerde verwittigd van deze ingreep. Het gevolg is dat heel wat gepensioneerden in de war zijn: er worden hogere pensioenen beloofd, en toch ligt de pensioenuitkering lager?

DE FOD Financiën ziet dit als volgt

De verhoging van de bedrijfsvoorheffing (belasting) is een voorschot op de personenbelasting die de pensioendienst op haar beurt doorstort aan de dienst Financiën. 

Wanneer er meer bedrijfsvoorheffing wordt ingehouden op je pensioen (zoals vanaf januari 2021 het geval is):

  • Krijg je iets minder nettopensioen;
    maar
  • moet je minder of niet bijbetalen voor je personenbelasting. Indien er een teruggave is in het voordeel van de gepensioneerde, ligt die hoger.

Wanneer er minder bedrijfsvoorheffing wordt ingehouden op je pensioen (wat in 2020 het geval was):

  • krijg je iets meer nettopensioen;
    maar
  • moet je meer bijbetalen voor je personenbelasting.

De totale som belastingen die je op je pensioen betaalt per jaar, verandert dus niet!

Dankzij deze ingreep zal de bedrijfsvoorheffing in 2021 stijgen zodat je in 2022 minder of niet moet bijbetalen bij de eindafrekening van je personenbelasting. Met andere woorden, je zal in 2021 iets minder pensioen per maand ontvangen maar de belastingen op je pensioen op jaarbasis blijven hetzelfde. Deze ingreep is dus louter een technische correctie.

De beloofde stijging van de minimumpensioenen is dus wel degelijk gebeurd zoals gepland.  De beslissing om de laagste pensioenen te verhogen staat hier zeker niet ter discussie.

Moet je zelf iets doen?

Neen, de pensioendienst is verplicht om automatisch de juiste inhouding van de bedrijfsvoorheffing toe te passen.

Voor verdere info hierover kan je steeds terecht op de dienst pensioenen van S-Plus of op het gratis nummer 1765 van de Federale Pensioendienst.

Dit is een artikel uit S-Plus Mag april 2021.

Abonneer op Herman Hombroek