LANDMETER EN TEKENAAR VOOR DE ROODROKKEN

'Zijn vader was altijd een man van weinig woorden geweest.' Zo begint Land van de Iers-Britse Maggie O'Farrell (°1972), bekend van het succesvol verfilmde Hamnet, gebaseerd op de zoon van William Shakespeare, dat onder meer een Oscar opleverde voor hoofdrolspeelster Jessie Buckley.
De openingszin kwam bij O'Farrell op tijdens een treinreis van Belfast naar Dublin en komt uit het verhaal van haar over-overgrootvader die kort na de Grote Hongersnood met zijn zoon als landmeter voor de Britten werkte. De roman speelt op indringende wijze in op thema's als religie, lotsbestemming en rusteloosheid, en beslaat 446 pagina's. De reis springt heen en weer in de tijd en over land en zee, naar de Nieuwe Wereld en terug.
Het is 1865. Het land is net herstelt van de Grote Hongersnood die een hoogtepunt bereikte van 1845 tot 1849. Een miljoen mensen stierven en nog een miljoen emigreerden. De Britten willen Ierland nu opnieuw in kaart brengen nu er zoveel van inwoners weg zijn.
Tijdens de meetexpeditie ontdekken Tomás en Liam in een mysterieus kreupelbosje een mogelijks magische bron
Op een schiereiland, gegeseld door de noordwestenwind, werken de zwijgzame Ier Tomás en zijn tienjarige weinig enthousiaste zoon Liam - met behulp van landmeetstokken en -kettingen - aan een groot project van de Ordnance Survey waarbij heel Ierland in kaart wordt gebracht. Tomás is nuttig voor de roodrokken (de Britten), niet zozeer vanwege zijn vaardigheden als landmeter en tekenaar maar omdat hij de lokale bevolking kan aanspreken in hun eigen taal. De roodrokken beschouwen hem als 'werkman' want alleen de soldaten mogen de kaarten goedkeuren, alsof zij het werk zelf hebben gedaan. Tijdens de meetexpeditie ontdekken Tomás en Liam in een mysterieus kreupelbosje een mogelijks magische tobar, bron.
Liam krijgt het benauwd als hij ziet dat zijn vader na het drinken van het zogenaamde magische water ten prooi valt aan waanzin en zijn verstand verliest. Een poging tot exorcisme door de plaatselijke jezuïetenpriester volgt. Maar Tomás zal koste wat het kost een kaart maken van hoe dit land er werkelijk uitziet, van hoe het altijd is geweest.
Verhaallijnen over ontheemding, de macht van de katholieke kerk en de gruwelijke misstanden die de Britten de Ieren hebben aangedaan
O' Farrell is een meester in het gedetailleerd beschrijven van de natuur die ze vaak gebruikt als metafoor. Zoals in een scène waarin ze concludeert: "Je zult nooit begrijpen hoe het land zich herinnert, hoe diep de wortels groeien." Net als in Hamnet zijn er ook verschillende memorabele scenes in deze roman. De eerste als Eugene, de stomme jongste zoon van Tomás, niet beseft dat zijn moeder dood naast hem ligt. Ook deze over Liam, eens volwassen, na jarenlange studie en zelfopoffering bij de jezuïeten, gevolgd door vele missies in verre uithoeken van de wereld, beslist om uit te treden. Een intrede die hij deed om wraak te nemen op zijn strenge vader. En natuurlijk zijn er de zussen Enda (rebels) en Rose (zachtaardig) wiens levens gevuld zijn met tegenslagen. Meer dan eens worden gevoelige snaren geraakt.
Verhaallijnen over ontheemding, de macht van de katholieke kerk en het blootleggen van de gruwelijke misstanden die de Britten de Ieren hebben aangedaan, gaat de auteur niet uit de weg. Tegelijkertijd reflecteert ze op de relatie tussen de broers en zus, de kinderen van Tomás en zijn echtgenote Phina. Hun ouders werden als kind gered van de hongersnood, gevangen gezet en uitgebuit in een armenhuis. Onvermijdelijk hebben ze hun ontreddering, het verdriet en het trauma overgedragen op hun kinderen.
Een memorabele roman die u van het begin tot het einde niet loslaat.
