Van een koude kermis thuiskomen

14-07-2026
Kermis1
De veel te warme kermis op het Kerkplein ligt er verlaten bij. Meer dan de helft van de exploitanten kwam niet. © Auteur.

“Puurs bruist" is in onze streek de bekende slogan van de gemeente Puurs, sinds 1 januari 2019 de gemeente Puurs-Sint-Amands. Die wervende slogan refereert naar de bruisende, actieve sfeer in het centrum van de gemeente Puurs en langzamerhand ook de deelgemeenten. De slogan geeft aan dat er hier veel te beleven valt. En dat klopt. Zo is er, pal voor mijn neus, de gezellige, wekelijkse donderdagmarkt op het Kerkplein. En dan zijn er nog de bekende jaarmarkten, zoals de Puurse zomerkermis en, als klapper van het jaar, Pukema, de Puurse kermis en (jaar)markt met Puurs Live, als opvolger van het bekende Pukema Rock, voor de muzikale omlijsting.

U begrijpt het snel verstedelijkende en vergroenende Puurs, heeft het beste met zijn inwoners voor. Eind mei kregen wij een vriendelijke brief van onze gemeente, waar we graag wonen. Na het zeer vriendelijke ”Beste bewoner”, kregen we een uitleg over de in het weekend van 26-28 juni geplande activiteiten. Hiermee maakt Puurs-centrum zich klaar “voor een prachtige zomer”, las ik in de brief. Ik vroeg me onmiddellijk af, of onze beleidsmakers hierbij rekening hadden gehouden met de al maanden bekende seizoensvoorspelling voor deze zomer. Die voorspelde immers een zeer hoge kans op een zeer hete zomer in West-Europa. En dus ook in België.

Parkeren is een probleem in Puurs. Bovendien is men te lui om een stukje te lopen

Op het turbo grote scherm en met ondersteuning van de bar Duivels Dorpshart en sfeermuziek, leefde Puurs en zijn omgeving mee met de prestaties van onze Rode Duivels. Tot en met de spannende kwartfinale wedstrijd werd er, al dan niet opgezweept door onze beroemde Duvel, gesupporterd. Deze, helaas, laatste wedstrijd was voor mijn vrouw een op het puntje van de bank zittende wedstrijd. Ze komt uit een voetballersfamilie. Haar vader heeft eens het Puurse voetbal op de kaart gezet. Ik heb niets met voetbal. Ik vond het maar verwarrend dat onze Rode Duivels in het wit speelden en die Spanjaarden in het rood. De 2-1 was gewoon brute pech voor ons. Ik hoop wel dat de komende stoomboot uit Spanje het leed voor ons zal verzachten met een overvloed aan cadeautjes. Uit nijd zou ik ook niet meer op vakantie naar Spanje gaan. Het is er toch al te gevaarlijk met die door onze klimaatverandering veroorzaakte bosbranden. Zelfs je B&B is er niet veilig!

Kermis

De aankondiging van de zomerkermis op het Kerkplein was de uitsmijter van de brief. Gewoonlijk vindt die kermis op de Hondsmarkt vlakbij het Dorpshart plaats. Dit jaar niet, omdat de Hondsmarkt een diep gat is voor de in aanbouw zijnde, zeer noodzakelijke parkeergarage. Parkeren is met de wildgroei aan appartementsgebouwen die blijkbaar de groei van farmareus Pfizer moet opvangen, een regelrechte ramp in Puurs. Hierbij moet ik wel opmerken dat men vaak te beroerd is om een stukje te lopen als men gaat winkelen in het gezellige Dorpshart of de vele pakjes wegbrengt naar het centraal gelegen postkantoor. Leefbaarheid en bereikbaarheid staan hier nog steeds op een wat gespannen voet. Bovendien zijn sommigen domweg te lui om een stap te veel te zetten.

Omdat de sluitingstijd van de Kerkpleinkermis in de brief ontbrak heb ik die aan de gemeente gevraagd. Het antwoord was, zoals meestal, snel en duidelijk. We hebben ons bezoek voor dat weekend afgezegd. De gemeente zegde de op zaterdag geplande Langste Tafel, om de vele vrijwilligers te bedanken, af vanwege de hitte. De kermis werd echter niet afgezegd. Dat regelde zich, tot grote teleurstelling van de paar kermisexploitanten die er wel waren, blijkbaar zelf. Zij kwamen van een koude kermis thuis. Zelfs die eeuwenoude opmerking is nu, door onze klimaatverandering, niet meer juist. Het was de hitte, onze hitte want wij hebben die met zijn allen veroorzaakt, die hen de das omdeed. Zij kwamen volgens mij van een (veel te) warme kermis thuis.

Kermis2
Impressie van de Puurs kermis op het heetste weekend van juni 2026. © Auteur.

Ik schat dat het aantal bezoekers nog niet eens honderd was. De door de gemeente verstrekte opvallende gele vuilnisbakken bleven leeg. De tafeltjes van Maxim’s Diner ook. Er was echt geen kat, terwijl de mussen van het dak vielen. De draaimolen draaide niet, terwijl de vrolijke gele eendjes op de lopende band hun rondjes draaiden. De meeste attracties waren al vroeg dicht. Terwijl ik een paar foto’s maakte liep ik naar een drietal exploitanten toe om een praatje te maken. Ze waren diep teleurgesteld. De kassa tikte voor hen zonder meer de verkeerde kant op.

Een zomer vol hitte-leed

Heel opbeurend vertelde ik hen dat de zomer dit jaar nog wel meer hittegolven voor ons in petto heeft. Ik legde uit hoe dat zat en wanneer je dat signaal al kon oppakken. Ze keken mij wat onbegrijpend en niet geïnteresseerd aan. De eigenaar van de draaimolen ging er wel op in. “En wat komt er van die voorspellingen terecht?”, vroeg hij terecht. Ook dat legde ik hem uit. Het onbegrip bleef, vrees ik. Duidelijk is dat de overheid hier een taak heeft. Duidelijk is dat de gemeente dit had kunnen weten. Maar ja, als de Vlaamse TV het nog steeds heeft over een klimaatverstoring en ‘onze’ aarde en natuur, wat kun je dan anders verwachten?

Seizoensvoorspellingen? Daar hadden de kermisexploitanten nog nooit van gehoord. De gemeente overigens ook niet

In mijn vorige blog ben ik ingegaan op de seizoensvoorspellingen van Copernicus. Europees heel goed. Een paar jaar geleden bekritiseerde onze weerman Frank Deboosere me, toen ik beweerde dat El Niño ook van invloed is op het weer in Europa. "België ligt niet aan de Stille Oceaan", schamperde hij. Maar de WMO (Wereld Meteorologische Organisatie) denkt daar toch anders over. Bovendien wordt dit verschijnsel wel degelijk meegenomen in de klimaatvoorspellingen van Copernicus. Los van deze discussie betalen wij wel degelijk een prijs voor het lakse Belgische en vooral Vlaamse klimaatbeleid. Tijdens de hittegolf in de tweede helft van juni stierven er, volgens Sciensano, maar liefst 1747 mensen extra in ons land! In Frankrijk waren dat er in de week van 22 tot en met 28 juni 2025 en in Nederland waren er dat in diezelfde week 480. ‘Hoe kan dat?’ zult u zich als kiezer wellicht afvragen. Tot uw troost: er komen nog de nodige hittegolven deze zomer.

Door onze klimaatverandering stierven er 1747 Belgen, 2025 Fransen en 480 Nederlanders tijdens deze hittegolf

Kermis3
Copernicus neemt het El Niño-verschijnsel (rechthoek in de stille Oceaan) mee in haar voorspellingen. Rechts: Gemiddelde temperatuursafwijking tijdens de hittegolf van 18 tot en met 30 juni 2026, ten opzichte van de gemiddelde temperatuur in de referentieperiode 1991–2020. © Copernicus C3S/ECMWF.

Ik sta op het balkon en kijk nog eens naar de onder de tropische zon wegkwijnende zomerkermis van Puurs. Beneden ons is het gezellige grillrestaurant Donné dat goede zaken doet. De kermisexploitanten staan te praten voor Maxim’s Diner. Plotseling holt er een jongentje het plein over naar de eendjescarrousel. De eigenaar ervan schiet in actie. Amai, een klant! De eendjes beginnen toch maar eens aan hun eindeloze ronde. Een hengeltje verwisselt van eigenaar en het behendige kind strikt gelijk één eendje. Kwaak, kwaak. Trots keert hij terug met een enorme in plastiek verpakte trofee. Papa en mama kunnen eindelijk rustig verder eten …

Wil je dit blogbericht graag afdrukken of de foto's groter bekijken? 
Klik hier om het PDF-bestand te openen.

Repair Café in De Nieuwe Ark

26-06-2026
nieuwe ark

De Nieuwe Ark in Ruisbroek in Puurs-Sint-Amand, waar het Repair Café plaats vond. Gemiddeld komen er ongeveer 100 bezoekers. ©Auteur en Repair Café, Koen Jacobs, voorzitter.

Eigenlijk vind ik de naam De Nieuwe Ark een heel toepasselijke plek om een Repair Café te organiseren. Die naam is immers nauw verbonden met de grote overstroming van Ruisbroek in 1976. Het beeld van die overstroming en de langzaam op gang komende hulp, zit nog steeds in het lokale geheugen gegrift. Er was veel ravage. Er was boosheid en teleurstelling. Er waren uiteraard veel mooie praatjes en beloften, maar het schoot in die donkere dagen ook maar niet op. In de volksmond van de goed gelovigen, kreeg het dorp de bijnaam “de nieuwe ark”. Nu is De Nieuwe Ark het centrale ontmoetings- en dienstencentrum van het dorp. Het Repair Café is een signaal van hoop op een duurzame wereld, te midden van de verwoestende wegwerpmaatschappij van nu. 

Theo Franken verzuipt in het geld, maar er is geen aandacht voor de mondiale dreiging van onze klimaatverandering

Bij het bezoek van de koning aan de beruchte overstroming op 3 januari 1976 kreeg hij de wind van voren van de teleurgestelde bevolking. Eén van de boze inwoners beet koning Boudewijn gefrustreerd toe, dat er wel geld was voor straaljagers maar niet voor dijken. Ook nu is er in dit land iets vergelijkbaars aan de hand. Theo Franken verzuipt in het geld, maar er is geen aandacht voor de mondiale dreiging van onze klimaatverandering. Met dit Repair Café kraait het dorp Ruisbroek in Klein-Brabant, victorie wat de duurzaamheidstransitie betreft. 

Repair Cafés voorzien op een zeer laagdrempelige manier in een belangrijke behoefte. 

Het Repair Café Klein-Brabant, heeft zijn hoofdzetel in de Buisstraat in Puurs-Sint-Amands. Bij het lezen van het adres schoot ik, op deze zondagmorgen van de langste dag van dit jaar en na een nacht vol onweer en hoosbuien, in de lach. Tja, met zijn allen zijn we toch echt aan het buizen, wanneer we de gevolgen van onze klimaatverandering niet serieus nemen. Vannacht liet de door ons gemangelde natuur weer eens weten dat het zo niet verder kan. De radio meldt: er was schade in ……. We zitten nu, na een korte hitteprik, in de eerste echte hittegolf van dit jaar. Hoeveel hittedoden zijn er nog nodig voor men eindelijk iets gaat doen? 

Mijn oude Sony CD walkman doet het niet! 

Dat zei Lin een paar maanden geleden tegen mij. Mijn vrouw is, evenals vele Vlamingen, zuinig op haar spulletjes. Haar wandelende Sony Cd-speler zat nog keurig en compleet, in het doosje waarin het was gekocht. Ze heeft er, toen ze nog werkte, veel plezier van gehad en wilde het nu weer gaan gebruiken. Helaas kregen we dit mooie stukje duurzame techniek, maar niet aan de praat. Daarom besloten we voor het eerst in ons leven eens naar een Repair Café in de buurt te gaan. Ondertussen begaf mijn oplaadbare BOSCH-boormachine het ook. 

Afgelopen zaterdag ging Lin naar Ruisbroek. Het was er heel druk. Het is zondermeer duidelijk dat dit initiatief aan een behoefte voldoet. Het is ook een signaal dat er steeds meer mensen zijn die de duurzaamheidstransitie wèl serieus nemen of moeten nemen. Een Repair Café is een evenement dat draait om repareren. Zoals wij, brengt men kapotte spullen, zoals kleding, elektro, kleine meubels, speelgoed, fietsen en computers, mee die de deskundige reparateurs gratis proberen te herstellen. 

Uiteraard zijn er spelregels. Hieruit blijkt dat van de bezoekers wordt verwacht dat ze zelf meehelpen waar dat kan. Het spreekt vanzelf dat men niet aansprakelijk is voor eventuele schade. Het risico ligt immers bij de eigenaar van de te repareren zaken. Hoewel de reparatie gratis is, verwacht men, als het kan, wel een vrijwillige bijdrage. Vanzelfsprekend moet er worden betaald voor nieuwe gebruikte materialen. Ook is er geen garantie. 

 De RepairMonitor 

Wanneer je het Repair Café binnen gaat moet er een uitgebreide vragenlijst worden ingevuld. Op die manier wordt er bijgehouden om welke producten en welke merken het gaat, wat de problemen zijn en welke populaire oplossingen er zijn voor die problemen. Die gegevens worden in ons geval verzameld in de Belgische Repair Monitor dat een onderdeel is van een wereldwijd netwerk. Alle data op mondiaal, nationaal en lokaal niveau worden gepresenteerd in een overzichtelijk en gemakkelijk toegankelijk dashboard (https://dashboard.repairmonitor.org/?language=nl ). Deze gegevens kunnen gebruikt worden voor beter ontworpen producten, voor een betere regelgeving en voor een zorgvuldiger en duurzamer gebruik.  

Het Repair Café Klein-Brabant verricht de meeste reparaties in België. Ongeveer de helft van de aangeboden artikelen kan helemaal worden gemaakt. 
In België nemen tien Repair Cafés deel aan dat systeem. Het blijkt dat het Repair Café Klein-Brabant de meeste reparaties verricht. Daarna volgen die van Izegem en Hauset. Samen vormen ze de top drie van de Belgische Repair Cafés. De bekendste merken die worden aangeboden in ons land zijn: Philips, Bosch en Sony. Ik vind dat die bedrijven moeten bijdragen aan de kosten van Repair Cafés. De belangrijkste reden om te komen zijn: versleten kleding en een onbekend probleem. De belangrijkste In Klein-Brabant aangeboden spullen zijn: kleding, stofzuigers en radio’s. Ongeveer de helft van de aangeboden artikelen kan helemaal worden gemaakt, 34% kan dat niet en 19% kan maar deels worden hersteld. Repair Cafés voorzien op een zeer laagdrempelige manier in een belangrijke behoefte. 

Onze klimaatverandering

klimaat

Links: Copernicus seizoenvoorspelling van begin april, voor de maanden juni, juli en augustus. Het wordt een hete zomer. Rechts: de voorspelling voor juli-september. Het wordt een lange hete zomer. © Copernicus Climate Change Service en ChatGPT (midden). 

Jammer dat het niet lukt om onze klimaatverandering naar het Repair Café te brengen. De burger wil wel; de politiek en het grote bedrijfsleven met haar blijkbaar te sterke en voor hen financieel gezien zeer goedkope, politieke lobby, niet. Men verstopt zich met veel bla, bla, bla, poeha en zogenaamde daadkracht achter andere prioriteiten, zoals de door de autocratische en misdadige Donald Trump en de zijnen vereiste nieuwe NAVO-norm van 5%.  

De planeet is niet van ons, maar de klimaatverandering wel

Geld voor de levensverslindende, drievoudige planetaire crisis is er niet. Die crisis gaat over onze klimaatverandering, de door ons veroorzaakte verlies aan biodiversiteit en onze bizarre vervuiling van het milieu. Het verlies aan aandacht hiervoor neemt echter niet weg dat onze klimaatverandering gewoon door gaat en juist vaak wordt versneld. Oorlogen zijn CO2-uitstoot versnellers, waarvan de gevolgen iedereen raken. Daarom is het bizar dat de media met de VRT voorop, nog steeds over de klimaatverandering spreekt en onze planeet. Weet men nu nog niet dat dit andersom zou moeten zijn? De planeet is niet van ons, maar de klimaatverandering wel.

Door de seizoenvoorspellingen die u maanden van tevoren al op het internet kunt opzoeken, wordt duidelijk dat Europa zich kon gaan voorbereiden op een hete zomer. Zoals u weet zijn weersvoorspellingen, wetenschappelijk goed onderbouwde inschattingen, die tegenwoordig nogal eens tegenvallen. Dat is in mijn ogen, de laatste jaren in toenemende mate het geval. Dit komt, omdat het weer, onder invloed van onze klimaatverandering, steeds grilliger wordt.

Het wordt zeer waarschijnlijk een lange hete zomer met veel hittegolven en droogte.

Bij een seizoenvoorspelling moeten we even een knop omzetten. Ze zijn niet te vergelijken met de weersverwachtingen; het is een signaal voor wat er kan gaan komen. De plaatjes laten geen exacte temperaturen zien, maar wel een verwachte algemene trend van bijvoorbeeld een warmer dan gemiddelde zomer. Onze weervoorspellers, beleidsmakers, landbouwers, festivalorganisatoren, enz. weten dan wat er zeer waarschijnlijk aankomt en daar rekening mee houden. Maar ook hier zie je dezelfde ’ik steek liever mijn kop in het zand’-reactie of onkunde als bij onze klimaatverandering.

Repair Cafés zijn een prachtig burgerinitiatief. Het is een verschijnsel dat in Puurs-Sint-Amands en Klein-Brabant goed is ingeburgerd. Met vele andere ‘grassroots’ initiatieven, zoals samen tuinen, is het een sterk maatschappelijk signaal dat vele burgers wel degelijk een andere samenleving willen. Zij willen een duurzame maatschappij, waarin rekening met de keerzijde van de technologische ontwikkelingen wordt gehouden. Samen vormen ze een tsunami van veranderingen. En wij zijn blij met onze gerepareerde Sony walkman voor mijn vrouw; een Sony walkvrouw dus.

Neanderthaler overleeft de tandarts

28-05-2026

Neanderthaler overleeft de tandarts

neander

Reconstructie van Neanderthalers bij een grot, door de beroemde Tsjechische paleo-artiest Zdeněk Burian. Homo neanderthalensis werd afgebeeld als een brute ‘aapachtige’ mens die minder ontwikkeld en dierlijker was dan wij, de verstandige mens, Homo sapiens. © Z. Burian in Prehistoric Man, 1960.

Prehistoric Man was na het beroemde Keienboek over zwerfstenen in Groningen en Drente, één van de eerste boeken die ik van mijn zakgeld kocht bij de uitgeverij Jena in Oost-Duistland. Die boeken waren goedkoop. Ik hoefde er minder lang voor te sparen. De tientallen paginagrote reconstructies van het leven in de oertijd brachten je naar lang vervlogen tijden. Ik smulde ervan.

Passend in de 19de eeuwse tijdgeest, werden de Neanderthalers vooral beschouwd als domme, primitieve bruten die in grotten leefden

In die jaren was de afstamming van de mens in christelijke kringen nog steeds een omstreden onderwerp. Een verwantschap met Chimp de chimpansee of Bo de Bonobo die minder geneigd is tot geweld dan een chimpansee, maar wel een uitbundiger seksleven had, was onacceptabel. De eerste resten van de Neanderthaler, een uitgestorven mensensoort, werden in 1856 toevallig ontdekt in een grot in het Neanderthal vlak bij Düsseldorf in Duitsland. Passend in de 19de eeuwse tijdgeest, werden de Neanderthalers vooral beschouwd als domme, primitieve bruten die in grotten leefden, zoals de Grot van Spy in de Ardennen en de Neanderthalersite Veldwezelt in Limburg.

Van aapmens naar de man in de supermarkt

De Neanderthalers waren ijstijdmensen die ruim 350.000 jaar in Europa en Azië leefden. Met hun brede gedrongen gestalte waren ze uitstekend aangepast aan het wisselende koude klimaat van toen. In de verbeelding van Zdeněk Burian (1905–1981) zwierven deze primitieve aapmensen in kleine groepen door het kale landschap aan de voet van de Noord-Europese-Aziatische ijskap. Ze lokten wolharige neushoorns en mammoeten in met takken bedekte kuilen, om ze vervolgens met speren te doden. Ze maakten vuurtjes om het vlees te bakken en om hun pijlen van vuurstenen punten te voorzien. En, zoals uit een opgraving in de Iraakse Shanidar-grot bleek, begroeven ze een kind in een ‘bloemengraf’. Dat gaf de indruk dat deze aapmensen heel wat empathischer waren dan men aannam.

Die sterk door ons gekleurde visie is in de afgelopen decennia behoorlijk veranderd. Modern wetenschappelijk onderzoek, waaronder genetisch onderzoek dat tot opzienbarende ontdekkingen leidde. Familiebanden werden blootgelegd. Bruiden werden uit andere groepen gehaald, waardoor alle niet-Afrikanen nog 1-4% genetisch materiaal van de Neanderthaler heeft. Modern onderzoek laat zien dat deze ‘aapmensen’ evenals wij, kunst maakten, het vuur beheersten en voor elkaar en ouderen zorgden, enz. In de supermarkt zouden ze niet opvallen.

Sinds kort weten we zelfs dat ze, evenals wij, naar de tandarts gingen! Dat blijkt uit het onderzoek van één Neanderthalerkies. Hij werd circa 59.000 geleden in de Chagyrskaya grot, in Zuid-Siberië behandeld door, jawel, een tandarts. Blijkbaar was er toen ook al een tandartsentekort, want deze vondst is uniek.

Bij de tandarts

Eén op de vier Vlamingen is bang voor de tandarts. Die angst komt iets vaker voor bij vrouwen en heeft vooral te maken met de angst voor de boor, de verdoving of het controleverlies. Ondanks de grote verbeteringen en vergaande specialisatie in de tandheelkunde, slaat bij veel mensen hun verbeelding op hol bij het horen van de diamantboor. Met tot 400.000 omwentelingen per minuut, doorboort die de oppervlakte van jouw tand of kies, om je te verlossen van die vreselijke kiespijn. Het is dus even doorbijten. De verlammende tandartsangst is vaak het gevolg van een vervelende ervaring of dramatische verhalen van ouders of anderen. Van de rekening kun je ook schrikken.

neanderthaler tanden

Chagyrskaya grot, in Zuid-Siberië (links); de circa 59.000 jaar oude behandelde kies (midden) en het tandartsengereedschap (rechts). © Zubova et al., 2026, PLOS One, CC-BY 4.0.

Dat Neanderthalers kiespijn kunnen hebben ligt voor de hand, omdat allerlei dieren daar last van kunnen hebben. Cariës of tandbederf is de meest voorkomende infectieziekte in de wereld. Heel bijzonder is dat men nu één kies heeft gevonden, waarin met stenen handwerktuigen, een gat is geboord om de patiënt van zijn of haar kiespijn te verlossen. Dat gat strekt zich uit van het kauwoppervlak van de kies tot aan de onderkant van de pulpakamer, waarde zenuw zit. Uit gedetailleerd microscopisch en chemisch onderzoek blijkt dat dit gat met opzet werd gemaakt met twee verschillende soorten stenen werktuigen, tijdens het leven van de patiënt.

Tegenwoordig duurt, onder verdoving, een wortelkanaalbehandeling bij de tandarts gemiddeld 30 minuten tot 2 uur. Dat hangt af van de complexiteit van de tand of kies. Prettig is het niet, maar hoe zou het onze Neanderthaler zijn vergaan die deze behandeling zonder verdoving moest ondergaan? Het is niet duidelijk hoeveel mannen er nodig waren om de patiënt rustig te houden. Kiespijn ontstaat omdat een kies een gesloten doos is, waarin door een ontsteking druk ontstaat die de kiespijn veroorzaakt. De Neanderthalers begrepen dit blijkbaar, want ze maakten een gat in de kies om de druk en daarmee de pijn, te verlichten. Maar hoe doe je dat als er geen diamantboor is?

Zij gebruikten, zoals dat in de steentijd de gewoonte was, verfijnde stenen werktuigen van jaspis dat in de nabijgelegen rivier werd gevonden. Beschadiging (schaaf- en rotatiesporen) van de kies wijzen hierop. De onderzoekers hebben de behandeling nagebootst in het laboratorium. Hiervoor gebruikten ze drie kiezen van de mens; twee prehistorische en één moderne kies. Met dergelijke stenen werktuigen zou de behandeling ongeveer 2 uur duren. Het was lastig om te voorkomen dat de kiezen in deze experimenten zouden barsten, wat er op wijst dat de Neanderthaler ervaring had met deze cariës behandeling. Vermoedelijk was hij of zij een sjamaan. In elk geval was de pijn verholpen en kon de patiënt weer een mammoetbiefstuk eten.

De nog steeds gangbare uitdrukking "je bent een Neanderthaler" om aan te geven dat iemand onbeschaafd, primitief, lomp of dom is, berust op een volstrekt onbegrip van onze verre neef

De behandeling op zich wijst er ook op dat Neanderthalers helemaal geen domme bruten waren. Het waren, evenals wij, intelligente mensen die zich goed aanpasten aan verschillende omstandigheden en aan het deels bewonen van grotten. De nog steeds gangbare uitdrukking "je bent een neanderthaler" om aan te geven dat iemand onbeschaafd, primitief, lomp of dom is, berust op een volstrekt onbegrip van onze verre neef. Dat neemt uiteraard niet weg dat er tegenwoordig weer premiers en presidenten zijn, waarop die uitdrukking goed van toepassing is.

Toen de Vlietdijk brak in Ruisbroek

22-01-2026

De overstroming van Ruisbroek na het breken van de Vlietdijk was geen toevallige natuurramp, maar het gevolg van jarenlang verwaarloosd dijkenbeheer. De Scheldedijken verkeerden in slechte staat, terwijl federale middelen prioritair werden ingezet voor andere uitgaven, zoals de aankoop van nieuwe F-16-straaljagers. Toen het water kwam, werd de kwetsbaarheid van de regio pijnlijk zichtbaar. De ramp leidde tot de toepassing van de rampenwet om de inwoners van Ruisbroek te ondersteunen en vormde een belangrijke aanleiding voor het Sigmaplan, dat Vlaanderen vandaag moet beschermen tegen overstromingen.

Puurs-Sint-Amands
Vandaag halen we geen post op in Ruisbroek. © Erfgoeddepot gemeente Puurs-Sint-Amands.

Winterstormen horen er nu eenmaal bij in de landen langs de zuidelijke Noordzee. Eeuwenlang strijden wij in de Schelde-Rijn delta van de Lage Landen al tegen het water. In feite leven wij grotendeels in een ingedijkt stukje Noordzee, zonder dat we ons dit beseffen. Maar dijken zijn niet eeuwig en moeten jaar in, jaar uit, worden onderhouden. De natuur is geduldig en slaapt nooit. Wij wel. Het is een niet aflatende strijd tussen menselijk vernuft en volharding en de natuur, waarvan wij slechts een onderdeel zijn, evenals de door ons graag gegeten kip, konijn en koe.

Het waren Vlaamse monniken die in de Middeleeuwen de uiterwaarden aan de kust als geschenk kregen om het zielenheil van iemand die wat beter in de slappe was zat, te verwerven. Het was in het begin echt monnikenwerk om die als waardeloos beschouwde gebieden in te polderen met de schop en de uit China overgewaaide kruiwagen. Vlaanderen en Nederland werden een kwetsbaar polderland. Regelmatig werd het delicate evenwicht tussen menselijk vernuft en de natuur verstoord door overstromingen. Onze geschiedenis is ervan vergeven.

Ruisbroek 3 januari 1976

Wat de natuur betreft, was dit een perfecte dag voor een Vlaamse overstroming door de dodelijke combinatie van een zeer zware noordwesterstorm, springtij en laks onderhoud van de zeedijken langs het stroomgebied van de Schelde. Die combinatie hadden we in 1953 ook al eens gehad. Toen was vooral Nederland met 1863 doden, de klos. Drieëntwintig jaar later was Vlaanderen en vooral het rustige en pittoreske dorpje Ruisbroek aan de Vliet, dezelfde klos.

Met de rampen komen de herdenkingen en monumenten. Ze zijn altijd te laat.

De depressie die deze storm veroorzaakte begon weer nabij de Azoren en trok daarna via de Noordzee, Denemarken en Oekraïne naar de Oeral. In de Lage landen liet hij een spoor van vernielingen achter. In Ruisbroek voltrok zich dé Vlaamse ramp. Op zaterdag 3 januari 1976, ontstond er in de Vliet, een zijrivier van de Rupel die weer een zijrivier van de Schelde is, een bres van bijna 100 meter! Hierdoor liep zo’n 900 hectare land onder. Het hele, nu niet meer zo pittoreske, dorp kwam onder water te staan. Meer dan 2000 mensen werden met bootjes door de ondergelopen straten geëvacueerd, terwijl 800 huizen waterschade hadden.

Dat is niet goed, jongen!

Guido en Leonie Meeus zijn vrienden van ons. Ze wonen volgens mij (bijna) in Ruisbroek. De Kleine Amer is Kalfort. Net geen Ruisbroek. Onderwijzeres Leonie is wel een geboren en getogen Ruisbroekse. De koffie is er goed en de verhalen over de streek zijn dat ook. Op die gedenkwaardige dag ging Frans Meeus met zoon Guido even kijken bij de Vliet. Frans was bezorgd. De storm gierde om het huis en de regen kletterde tegen de ramen.

Voor deze streek was  de  Vliet al eeuwenlang van groot economisch en sociaal belang. Ze vormde lange tijd de belangrijkste verbinding met Antwerpen en Brussel. Met kleine boten werden goederen over de Vliet verscheept naar het westen, via de Schelde, de Durme en de Dender. Het transport naar het oosten ging via de Nete, de Dijle en de Zenne. Zo werden bouwmaterialen en steenkool naar Puurs gebracht. Aan één lading vanuit Brussel zat echter een geurtje: stront, als mest voor de Puurse land- en tuinbouw, waarvan de producten gretig aftrek vonden in die stad.

Aan één lading vanuit Brussel zat echter een geurtje ...

De losplaatsen aan de Vliet werden ‘amers’ genoemd. Puurs kende er drie: de Grote, de Kleine en de Eikse Amer. De Grote Amer was de oudste. De Kleine Amer was, vanwege de industrie, de belangrijkste. Vanuit de Eikse Amer vertrokken beurtdiensten met een vaste dienstregeling voor het vervoer van goederen en mensen.

Bij de koffie hoor ik het smeuïge verhaal hoe Guido en zijn vader, kromgebogen door de storm, naar de aanlegplaats liepen. Daar staat nog steeds een mooi oud en gerestaureerd groot handelshuis. Hier schuilden ze voor de wind en bekeek zijn vader het woelige water in de Vliet. Het was nog steeds opkomend tij. Frans zag ergens een plastieken fles liggen. Ook toen rukte het zwerfvuil al op. “Haal die fles eens, jongen”, zei hij. Guido gaf hem aan zijn vader, die de fles in het water gooide. De fles dreef niet stroomopwaarts, zoals bij het opkomende tij was te verwachten. Hij dreef de ander kant. Frans begreep dat er iets goed mis was. “Dat is niet goed, jongen” zei hij; “We gaan naar huis”.

Hulp komt traag op gang

Er was dijkbewaking langs de Vliet. Iedereen zag het steeds maar stijgende water, waardoor de zorg langzaam maar zeker omsloeg in angst. Aan de monding van de Vliet spookte het behoorlijk. Volgens een ooggetuige waaide er schuim over de dijk. Hij ging kijken en zag dat het ziedende water al tot aan de rand ervan stond. De dijk stond letterlijk op instorten. Niet lang daarna gebeurt dat dan ook. Er spoelde water en zand, met een vernietigende kracht de laag liggende polders en het dorp binnen. Huisraad, dreef rond. Mens en dier vluchtten zo snel mogelijk weg. De watersnoodramp van Ruisbroek was geboren en maakte geschiedenis.

Puurs-Sint-Amands
De vernietigende kracht van water.© Erfgoeddepot gemeente Puurs-Sint-Amands

Rond half zes in de middag, begaf de dijk aan de monding van de Vliet het. Op die plek is nu het derde monument onthuld. Het was bekend dat de Vlietdijk in een slechte staat verkeerde. Maar men was het er nog niet over eens wat de beste oplossing zou zijn. Die beslissing kwam hiermee letterlijk in een stroomversnelling, ten koste van de halve bevolking van het ongelukkige dorp. De politiek heeft ook toen gefaald door de ernst van deze natuurlijke dreiging, van onze erfvijand de zee, niet goed in te schatten. Dat was niet de eerste en zal dat zeker niet de laatste keer zijn. Onze huidige klimaatcrisis wordt door de Vlaamse overheid tegen beter weten in, schromelijk onderschat.

Uit het hele land kwamen mensen naar Ruisbroek om te helpen.

Mensen vluchtten naar het eerste verdiep of de zolders tot er hulp zou komen. Een helikopter van het leger kwam de volgende dag de schade opnemen. De belangrijkste conclusie was het briljante besluit om het gat in de Vlietdijk te gaan dichten. Wat zou je anders doen? Maar hulp bleef uit. De Ruisbroekenaars sloegen de handen ineen. Ze hielpen elkaar waar dat maar kon. Uit het hele land kwamen mensen naar Ruisbroek om te helpen. Het vee en de mensen zochten hun heil op het kerkhof bij de iets hoger gelegen parochiekerk Sint-Katharinakerk. Waar bleef echter de overheid die verantwoordelijk was voor het slechte onderhoud van de dijken? Het ongenoegen nam toe.

Puurs-Sint-Amands
Het bezoek van koning Boudewijn wasmet een opmerking over de aankoop van F-16s, turbulent. Maar daarna kwam de hulp wel. © Erfgoeddepot gemeente Puurs-Sint-Amands en Wikipedia.

In juni 1975 bestelde België samen met een aantal andere Europe landen, waaronder Nederland dat in 1958 formeel met zijn Deltawerken was begonnen, nieuwe gevechtsvliegtuigen, de F-16 straaljager. Nederland bestelde er 102; België 116, goed voor 30 miljard Belgische frank. Drie dagen na de dijkdoorbraak bezocht de toenmalige Belgische koning Boudewijn het rampgebied in een bootje. Hij kreeg de wind van voren toen een bewoner tegen hem zei dat er miljarden werden besteed aan straaljagers maar er geen geld was voor de verdediging van het land tegen het water. 

Wel geld voor defensie en F-16s, maar niet voor veilige dijken was dé klacht van de Ruisbroekenaren. Gebeurt nu weer hetzelfde met onze klimaatcrisis?

De dag ervoor waren premier Leo Tindemans en de minister van Binnenlandse Zaken Louis Michel ook al langs geweest. Aan Brussels belangstelling was geen gebrek. Maar voor een schadevergoeding moesten de dappere Ruisbroekenaars hemel en aarde bewegen. Uiteindelijk werd hiervoor een bestaande wet aangepast. Gelukkig kwam de hulpverlening na het bezoek van de koning, die eiste dat de regering met een oplossing kwam, wel op gang. Uiteindelijk werd het gat in de dijk gedicht met behulp van de Nederlanders. Met hun stenenstorter, die precies in de bres werd gepositioneerd, zodat er een laag stenen als fundament kon worden gestort. Daarna werd het gat verder gedicht. Na twee dagen pompen in plaats van verzuipen, was Ruisbroek op 17 januari 1976 weer droog.

Vijftig jaar later

De overstroming van Ruisbroek werd een kantelpunt in het door de eerste Staatshervorming van 1970 geregionaliseerde België. In navolging van het nationale Deltaplan van onze noorderburen, kwam er het Vlaamse Sigmaplan, dat een jaar later werd bekend gemaakt. Het doel ervan is het risico op overstromingen in het stroomgebied van de Schelde, die een getijdenrivier is, te verkleinen. Als eerste prioriteit werden de dijken verhoogd langs de Schelde en haar zijrivier en waar dat getij nog steeds van invloed is. De voorziene Oosterweel-stormvloedkering kwam er echter niet. Te duur.

Hoewel het Sigmaplan voortdurend wordt geactualiseerd en hoewel men aanneemt dat met de realisatie ervan in 2030, de veiligheid tegen overstromingen in de Scheldevallei zeker wordt gesteld tot 2100, neemt de kritiek op het plan toe, vanwege onze klimaatcrisis. Het is met name de Vlaamse regering die hier, binnen de Belgische context, dwarsligt en onvoldoende middelen vrijmaakt, waardoor de uitvoering wordt vertraagd. Critici vrezen dat het lakse beleid zal worden ingehaald door de snelheid van de klimaatverandering, waarvan o.a. zeespiegelstijging en extreme neerslag het gevolg zijn.

Download het blogbericht als pdf-bestand: 

De decembermaand van 2025

29-12-2025
Sinterklaas
Aankomst Sinterklaas in Groningen, Nederland © Wikipedia

 

De voorbode van de kerstdagen was voor mij lange tijd Sinterklaas. Die komt in Nederland altijd op 5 december langs en wist op wonderbaarlijke wijze cadeautjes door niet bestaande schoorstenen de woonkamer in te krijgen. Het duurt gelukkig jaren voor je dit door jouw ouders gefinancierde cadeautjes- en pepernotenfeest doorkrijgt. Daarna maakten we presentjes en rijmpjes voor elkaar. Sinterklaas was, hoe dan ook, een gezellig familie- en vriendenfeest. 

Sinterklaas kan in België beter op 4 december langskomen, vóór hij naar Nederland gaat

Als jonge ouder vergeet je nooit de schrik op de gezichten van je kinderen, wanneer er, bij het zingen van sinterklaasliedjes, ineens (door buurman Piet) hard op de voordeur werd geklopt. Voorzichtig gingen we met zijn allen kijken … en jawel hoor, daar stonden zomaar twee jute zakken met cadeautjes. Voorbij waren de vele vragen over hoe zwarte piet de cadeautjes via de ’s avonds brandende openhaard toch in de woonkamer wist te krijgen. Voorbij waren de dagen, waarop de kinderen voor ze naar bed gingen een schoen mochten opzetten. Voorbij was de heerlijke verontwaardiging toen papa ineens zomaar een keer een doos in plaats van een schoen, zette. ‘Dat kan toch niet papa’, zei mijn oudste dochter, terwijl mijn zoon zich rot lachte, omdat ik ook een oude jenever voor de Sint had klaargezet. ‘Ja, jongen, het is koud daar op het dak’, was mijn antwoord. Voorbij was het plezier dat ze de volgende ochtend hadden toen ze stiekem naar beneden waren geslopen. Iedereen had iets in zijn schoen, maar er zat niets in die stomme doos van papa en het borreltje was verdampt. ‘Je moet toch echt een schoen opzetten papa!', was het welgemeende advies.

Toen ik in Vlaanderen kwam wonen begreep ik dat mijn geliefde Sint hier pas op 6 december langs komt. Dat vond ik niet slim. Hij kon op 4 december langskomen, want na die Nederlandse 5 decemberavond is die Spaanse pakjesboot natuurlijk helemaal leeg. Ik vind dat voor de nooit stoute Vlaamse kindertjes, maar een trieste zaak. Wellicht verklaart dit het cadeautjesfestival met de kerstdagen.

Lotjesregens en prijzenfestivals

In veel Vlaamse gemeenten is er in de decembermaand, niet alleen gezellige kerstverlichting, maar ook een vaak door de middenstand en het gemeentebestuur georganiseerde eindejaarsactie met loten en prijzenfestivals. Zo ook in Puurs-Sint-Amands.

December

 

Samen met UNIZO, de Unie van Zelfstandige Ondernemers, die in onze gemeente zeer actief is, wordt jaarlijks een eindejaaractie georganiseerd om ‘Koop Lokaal’ (zie ook mijn blog van 26 november 2024) te promoten, tijdens en na de feestdagen. Dit jaar heeft onze Puurse drukkerij Baeté, maar liefst 250 000 vrolijke loten gedrukt. Ze worden verstrekt door de middenstand inclusief de lokale Delhaize, en de marktkramers op onze wekelijkse donderdagmorgenmarkt op het gezellige Kerkplein.

Er is dit jaar een prachtige prijzenpot van maar liefst € 20 000! Het spreekt vanzelf dat de achterkant van de schitterende lotjes met een echte sneeuwman weer driftig door de vele bezoekers van de Puurse markt en winkels wordt ingevuld. Vol verwachting worden ze dan in één van de potten of dozen (waar ik zoals gezegd geen goede ervaring mee heb) gedeponeerd. In Uit in Puurs-Sint-Amands laat de gemeente weten dat: “je bij elke aankoop een lotje krijgt, waarmee je kans maakt op één van de vele P-bonnen”. De P-bon is een lokale cadeaucheque, waarmee je uiteraard lokaal koopt. 

Winkels zorgen er voor dat het hart van een dorp blijft kloppen: Koop Lokaal en we winnen allemaal!

Je zal begrijpen dat de spanning in het Puurse stijgt naar mate de dagen korten en de ecologisch verantwoorde led-feestverlichting probeert de duisternis te verdrijven. Gelukkig is er een tussentijdse trekking van maar liefst € 10 000 aan P-bons en € 5000 aan winkelbons. Hét prijzenfestijn vindt echter plaats op de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie op 11 januari 2026. Dan nodigt de gemeente haar inwoners in Puurs uit voor een drankje en een hapje én de hoofdtrekking van de eindejaarsactie door het schepencollege. We maken er ook geen probleem van wanneer een inwoner van de buurgemeente Bornem hier een prijs in de wacht sleept! Puurs bruist!

Waar is de tijd voor bezinning?

De decembermaand heeft iets sfeervols, wonderlijks en tegenwoordig vooral iets uitgesproken commercieels met de Kerstman, zijn vrouw zie je nooit, en bergen cadeautjes. De middenstand en de winkelketens gaan uit hun dak met uitbundige aanbiedingen en verleidingen. Eigenlijk begint de huidige consumentenwaanzin al met het eveneens uit de VS overgewaaide verschijnsel van Black Friday. Dat is een zogenaamde uitzinnige koopjesdag. Die dag duurt ondertussen ook al bijna één week. In feite is de hierdoor wat vervroegde decembermaand een consumptiemaand bij uitstek geworden, die na het eindejaarvuurwerk overgaat in de traditionele solden van januari. Ook hier zie je weer dat de januari koopjes, door koppelverkoop, steeds vroeger beginnen. Hierdoor is voor mij de traditionele beleving met Stille Nacht, Heilige Nacht en de vraag om ‘vrede en welbehagen op aarde’, aan het verdwijnen.

Kerstfeest: stallen, bomen, ballen en stronken 

Kerstbomen en kerststallen, al dan niet met levende dieren, sieren in de decembermaand de straten in Vlaanderen. De 20 meter hoge en circa 43 jaar oude Abies concolor is uit een tuin geplukt in Sint-Katelijne-Waver. Van 28 november, wat weer aangeeft dat dit lichtfeest steeds vroeger begint, tot 4 januari 2026 siert deze afstervende boom de Grote Markt in Brussel. In het centrum van Puurs kom je overal, leunend tegen lantarenpalen, onverlichte kleine kerstbomen tegen, terwijl er in het centrum en naast de kerk, een spaarzaam verlichte grote boom staat.

December
De aanbidding van de herders, Gerard van Honthorst, 1622. Rechts: Kerststal uit Buenos Aires, Argentinië. © Wikipedia, Wallraf-Richartz-Museum en auteur.

 

Elk dorp van Puurs-Sint-Amands heeft zijn eigen kerststal, wat een oude Rooms Katholieke traditie is die je in mijn Groningse geboortestreek nauwelijks ziet. Puurs heeft geen mooie kerststallen. De algemene ontkerkelijking en de commercialisering van het kerstfeest met de hi, ha, ho roepende rode, bolle, oude Coca Cola reclame man in een door rendieren getrokken arrenslee, hebben het karakter van het kerstfeest uit mijn jeugd op zijn kop gezet. Etienne Vermeersch schreef op 24 december 2009 al Hoe Kerstmis een kermis werd. Hij had gelijk.

Voor velen heeft de kerst nog maar weinig te maken met religie, symboliek en vrede op aarde

Ons kerstfeest heeft niet christelijke, Germaanse wortels die samenhangen met de viering van de kortste dag van het jaar. Het Scandinavische joelfeest met enorme vuren, is daarvan een voorbeeld. Onder invloed van het Christendom is dat ‘heidense’ feest omgevormd tot de kerstviering, waarin de bestaande oudere gebruiken, zoals het midwintervuur, ook een plaats kregen. Voor velen heeft de kerst nog maar weinig te maken met religie, symboliek en vrede op aarde. Het gaat nu vooral om gezelligheid en overvloed. Maar toch is er meer dan dat, nietwaar?

De groeten van Krijn

26-11-2025

We waren toe aan een korte vakantie en besloten en paar dagen naar Knokke-Heist te gaan, waar we in de Residentie De laurier verbleven. Even lekker uitwaaien aan het strand, wandelen in het Zwin waar we de ook de Doggerlandtentoonstelling bezochten, shoppen in Sluis en culinaire hoogtepuntjes in Heist. Het was er rustig. ’s Avonds viel de felverlichte haven van Zeebrugge op, evenals de vele voorbij tuffende lichtjes van schepen op zee. Een zee die, als een Atlantis van het Noorden, zijn fascinerende geheimen maar langzaam vrijgeeft.

Krijn 1
Krijn, de Nederlandse Neanderthaler met een kanker boven zijn linkeroog, leefde tijdens de laatste IJstijd. © Zwin Natuurpark en Zwin Natuur Park/Kennis en Kennis.

Eens, zo’n 50.000 jaar geleden, was Krijn een jonge Neanderthaler. Hij leefde middenin de laatste IJstijd aan de oever van een brede rivier voor de kust van België en Nederland. Deze rivier voerde het water van de Thames, Schelde, Maas en Rijn naar de oceaan. De Noordzee was grotendeels opgedroogd. Het water was immers weer opgeslagen in gigantische ijskappen op het land, waardoor het klimaat ook weer was veranderd. 

Aan de voet van die ijskap bevond zich een boomloze steppe. Daar heersten mammoeten, wolharige neushoorns, wisenten, wolven, beren, sabeltandtijgers, enz. Hier jaagden groepen Neanderthalers die vooral vlees aten. Krijn leefde in een tijd dat het steeds kouder werd. Ongeveer 20.000 jaar geleden bereikte deze IJstijd zijn maximale uitbreiding, Daarna volgde, door het opwarmende klimaat, een snelle afsmelting en een even snelle mondiale zeespiegelstijging, waardoor de Noordzee weer vol stroomde.

We weten veel over de Neanderthalers, maar niet over Krijn, de enige ‘Nederlandse’ Neanderthaler. Van hem werd slechts één schedelfragment gevonden. Het was door een schelpenzuiger opgezogen uit de bodem van het Middeldiep, circa 15 km voor de Zeeuwse kust. Het zand werd bij Yerseke aan land gespoten. Daar werd het fossiel gevonden door de Belgische amateurpaleontoloog Luc Anthonis en belandde in zijn rommelbak met niet gedetermineerd materiaal. Uit wetenschappelijk onderzoek bleek jaren later dat het een stuk van het voorhoofd van een Neanderthaler is. 

We weten veel over de Neanderthalers, maar niet over Krijn, de enige ‘Nederlandse’ Neanderthaler

De beroemde Nederlandse paleokunstenaars Alfons en Adrie Kennis gaven Krijn weer een gezicht. De tweelingbroers zijn vooral bekend geworden door hun prachtige reconstructies van uitgestorven diersoorten, waaronder mensachtigen. Breed glimlachend kun je Krijn zijn buste bewonderen op de schitterende Doggerlandtentoonstelling in het Zwin Natuur Park. Helemaal gelukkig was de man echter niet. Hij had een niet kwaadaardige kanker boven zijn linker wenkbrauw.  Krijn stierf toen hij zo’n 20 jaar was. Omdat de rest van zijn skelet ontbreekt is niet bekend hoe hij stierf. Wellicht bij de jacht op een malse mammoet biefstuk.

Doggerland

Wandelend aan het Noordzeestrand hebben de meeste mensen geen idee van de geheimen die onder het wateroppervlak in de zeebodem verborgen liggen. Voor ons is de zee vaak slechts een oppervlakte waarover je van A naar B kan varen. Vakanties aan de gebetonneerde Vlaamse kust zijn zeer in trek. In de zomer heb je bijna een fluitsignaal nodig om de zon aanbiddende badgasten te laten omdraaien. Ondanks de vele pogingen van de lokale overheden, laat men elke avond weer een sterk vervuild strand achter. Vervuiling is één van de belangrijkste kenmerken van de menselijke activiteiten met de drie onderling verbonden planetaire crisis, zoals onze klimaatnoodtoestand, als gevolg.

Onder de zeespiegel ligt een verdronken land: Doggerland. Een prehistorische wereld waar bijna één miljoen jaar lang mensen leefden. Een gebied dat gedurende het grootste deel van die tijd droog lag, omdat immense ijskappen grote delen van Noord-Amerika en Noord-Europa bedekten. Dat was de ijskoude wereld van mammoeten en Neanderthalers. Een wereld waar aan het einde van de laatste ijstijd, ook de eerste moderne mensen hun sporen en kunst achterlieten.

Onder de zeespiegel ligt een verdronken land: Doggerland, een prehistorische wereld waar bijna één miljoen jaar lang mensen leefden

Doggerland
Rondtrekkende Mesolithische jager-verzamelaars in Doggerland met in rood de huidige kustlijn © Wessex Archaeology en Olav Odé, Universiteit Utrecht, Deltares, RMO.

Doggerland lag, evenals Vlaanderen en Nederland nu, op de rand van Europa. Na de laatste IJstijd was het weer een gebied waar klimaatverandering en snelle zeespiegelstijging hun tol eisten. Tussen 11.000 en 3.000 jaar geleden steeg de zeespiegel zo’n 38 meter. Hierdoor verdronk Doggerland. De mesolithische jager-verzamelaars hadden er een goed leven in een rijke, maar constant veranderende wereld. De genadeslag was de circa 20 meter hoge Storegga-megatsunami die circa 8200 jaar geleden in een Noorse fjord ontstond. De huidige Vlaamse en Nederlandse stranden markeren slechts een moment, waarop de zeespiegelstijging van de Noordzee en de bewoning op het land in een kunstmatig evenwicht zijn. Door onze klimaatcrisis zal dat snel veranderen. Bovendien toont Doggerland aan dat zeespiegelstijgingen geen grenzen kennen.

Het Zwin: ringers en vogelaars

Het Zwin is een van de bekendste en mooiste natuurgebieden van Vlaanderen. Het is een getijdenlandschap met slikken en schorren en daardoor een favoriete bestemming bij heel wat vogels. Slikken lopen tweemaal per dag onder water. Ze zijn nauwelijks begroeid. Schorren liggen iets hoger. Daar groeien zilte planten, zoals zeekraal. Jaarlijks verblijven er duizenden vogels om te broeden, te overwinteren of naar voedsel te zoeken. Hierdoor is het Zwin een van de belangrijkste vogelgebieden in België.

Zwin
Het Huttenparcours in het Zwin Natuur Park. © Auteur en Zwin Natuur Park (midden, de zwartkop).

Eén van de leuke wandelingen in het Zwin Natuur Park is het zeer toegankelijke Huttenparcours. Tot onze grote verbazing liepen we, na het verlaten van het schitterende bezoekerscentrum, al snel tegen een replica aan van de pas uit een reuzen-ei gekomen auteur. Het werd Lin, mijn vrouw, even teveel … Eén exemplaar is immers al meer dan genoeg!

Genietend van de stilte en de prachtige natuur bereiken we het ringstation. We hebben geluk want een viertal ringers zijn de laatste vogels die ze in vangnetten hebben gevangen, aan het determineren en ringen. Het is een relaxte bezigheid van een goed op elkaar afgestemd team. Het Zwin Natuur Park is een belangrijk ringstation om de najaarstrek van kleine, insectenetende zangvogels te bestuderen. Vanaf de tweede helft van juli tot 11 november zijn hier elke morgen ringers aan het werk. De zangvogeltjes leggen per nacht 100 - 200 km af. Bij het krieken van de ochtend zoeken ze hier een geschikte plek om uit te rusten. En dan slaan de ringers toe. De vogels worden gemeten, gewogen, geringd en daarna snel terug vrijgelaten. Dit jaar was hun topjaar. Er zijn ruim 13.000 vogels geringd!

Het blijkt dat je niet zomaar ringer wordt; Je moet een serieuze opleiding van vier jaar volgen om dit werk te kunnen en mogen doen

We maakten een praatje met de ringers van die dag. Ze waren geconcentreerd en zeer systematisch aan het werk, maar maakten toch tijd voor ons. Met een piepklein vogeltje dat als één na laatste van die dag werd geringd, in zijn hand vertelt hij ons enthousiast over hun werk. Het blijkt dat je niet zomaar ringer wordt. Je moet een serieuze opleiding van vier jaar volgen om dit werk te kunnen en mogen doen. Vol trots laat hij ons zijn ‘kennisbijbel’ zien waarin alle soorten staan beschreven. De coördinatie van dit vogelringwerk gebeurt door het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel, waar wetenschappers hun conclusies trekken en trends signaleren. Om dat te doen, kunnen ze niet zonder het werk van vele enthousiaste burgerwetenschappers.

We wandelen door naar een uitkijkpost waar 3 vogelkijkers staan opgesteld en waar een andere vrijwilliger, Marc Delatere, de scepter zwaait en deskundige uitleg geeft. Ik volg een gesprekje over de geologie van het Zwin, wat hij enthousiast en heel deskundig uitlegt. Lin tuurt door één van die kijkers en vraagt zich af welke ganzen ze toch ziet. En dat weet Marc! 

Op mijn vraag wat zij nu vernemen van onze klimaatverandering volgt een boeiende en duidelijke uitleg. Hét voorbeeld is de zwartkop (Sylvia atricapilla). Dat is een (geringd) zangvogeltje dat even groot is als een koolmees, waarvan het mannetje een zwarte kruin heeft en het vrouwtje een roodbruine. Uit het ringonderzoek blijkt dat de Zuid-Duitse zwartkoppen nu vaak in Engeland overwinteren in plaats van Spanje of Noord-Afrika. Die Engelse voorkeur van deze zwartkoppen is een gevolg van onze klimaatopwarming.

Waar zijn we mee bezig?

Uitkijkend over de Belgische Noordzee is het verhaal van de overstroming ervan na de laatste IJstijd, die ook het begin van onze beschavingen markeert, verwarrend. Onze voorouders hadden te maken met een snelle opwarming en een zeespiegelstijging van circa één meter per eeuw, terwijl dat nu ca. 38 cm is. 11.700 jaar geleden bedroeg het CO2-gehalte in de atmosfeer ongeveer 270 - 280 ppm. Op onze nationale feestdag lag het CO2-gehalte op 426,07 ppm. Dat is het hoogste niveau in de afgelopen 800.000 jaar én sinds het ontstaan van de moderne mens. Die toename is grotendeels het gevolg van onze vervuilende activiteiten, waardoor het klimaat razendsnel verandert. Deze zomer bedroeg de Europese klimaatschade € 43 miljard. Ook stierven zo’n 16.500 mensen door onze klimaatcrisis. Dit is een wake-up call voor de dwarsliggende Vlaamse politici. Niets doen is allang geen optie meer!

Wil je dit blogbericht graag afdrukken of de foto's groter bekijken? 
Klik hier om het PDF-bestand te openen.

Brussel: we komen eraan!

20-10-2025

De Grootouders voor het Klimaat pleiten al jaren voor een beter openbaar vervoer. Dit zou één van de kernpunten van elk rechtvaardig klimaatplan moeten zijn. Om hier aandacht voor te vragen rijdt er een GvhK-tram mee tijdens de grote demonstratie in Brussel op zondag 5 oktober. Ik zal het verbouwereerde gezicht van mijn collega demonstrant nooit vergeten toen ik haar in een jolige bui vroeg: Stoppen jullie ook bij Brussel-Noord? Een impressie …

Brussel1

Op zondagmorgen 5 oktober, ben ik als opa Jan een Goede Voorouder en neem ik de trein van 12.01 uur richting Brussel-Noord, via Mechelen. Al weken was ik van plan om deel te nemen aan deze Klimaatmars. Het is heel bijzonder om, omringd door de politie, de gekste ‘overtredingen’ te mogen doen, zoals stoplichten negeren en midden op de Koning Albert II laan of de Wetstraat te gaan lopen. De vreedzame, vrolijke, gezellige en luidruchtige mars is een succes. Zo’n 30.000 verontruste burgers laten hun stem horen. Ze eisen een beter klimaatbeleid én het beëindigen van de jaarlijkse subsidies van 15 miljard euro voor fossiele brandstoffen. Zo los je de huidige bezuinigingen makkelijk op. Onderstaand een impressie.

De trein

In Puurs heb je een klimbrevet nodig om in de trein te kunnen komen. Voor reizigers met een rollator is het daarom een heel avontuur om met de trein te gaan. Eenmaal aan boord zit de stemming er direct goed in. Een mevrouw heeft een protestbord bij zich waarop staat Ik ben voor bomen. Twee meisjes werken aan hun protestbord, daarbij geholpen door medereizigers met soms tegenstrijdige adviezen. In Mechelen stap ik over op de trein naar Brussel Noord. Die zit propvol. Als vrolijke haringen in een ton rijden we naar onze bestemming.

Aankomst in Brussel

Ik verdwaal altijd in het Brussel-Noord station. Gewoonlijk zorgt de politie ervoor dat je niet de hoofdingang uit kan. Dan ben ik helemaal de weg kwijt. Dit keer mag dat wel. Toch vraag ik een agent om de weg. Hij legt mij dat geduldig in gebroken Nederlands uit. En het klopt precies. Ik loop vlot naar het begin van de Koning Albert II laan om mijn vrienden van de Vlaamse Grootouders voor het Klimaat te zoeken. Het is één uur geweest en iedereen – van jong tot oud – staat te popelen om te kunnen beginnen. Het is een kleurrijke bedoening. Je komt de vreemdste en meest creatieve protesten en demonstranten tegen. De sfeer zit er goed in. Iedereen is vriendelijk maar wel gedreven om in een tijd waarin miljarden naar defensie stromen en de sociale voorzieningen onder druk staan in een steeds rechtser wordende samenleving, een duidelijk punt te maken.

Het is een kleurrijke bedoening. Je komt de vreemdste en meest creatieve protesten en demonstranten tegen

De organisatie

De Klimaatmars wordt georganiseerd door de Klimaatcoalitie, die een brede waaier aan ngo’s, mutualiteiten, vakbonden en burgerbewegingen uit heel België verenigt. Sinds 2008 voeren meer dan 100 organisaties binnen deze koepel campagne voor eerlijke en noodzakelijke maatregelen om onze klimaatcrisis aan te pakken. Dat doen ze heel efficiënt door op basis van gedegen wetenschappelijke feiten druk uit te oefenen op de politiek en hun beleidsmakers, voor een verantwoord en daadkrachtig klimaatbeleid. 

fig2

En daar ontbreekt het in België, en vooral in Vlaanderen, al jaren aan. Klimaatminister Zuhal Demir laat een spoor van wanbeleid na met haar ‘haalbaar en betaalbaar’ mantra. Dat in een tijd waarin er op Europees niveau en na maandenlange protesten van klimaatjongeren, juist veel aandacht was voor onze klimaatcrisis en de bestrijding ervan via de Green Deal en de Klimaatwet. Ook de huidige Vlaamse en federale regering nemen hun verantwoordelijkheid in de grootste crises (vervuiling, klimaat en biodiversiteitsverlies) ooit niet op. En daarom komen verontruste burgers weer op straat.

Grootouders voor het Klimaat, Gvhk

Mijn GvhK-hesje hangt al jaren over mijn bureaustoel en mijn petje ligt op een plank met fossielen in de boekenkast. Ik heb ze in mijn rugzakje gestoken en doe ze in Mechelen aan. Opa Jan verandert zo in een activist. Het zal je maar overkomen op je oude dag. Ik weet dat de Grootouders vooraan op de Koning Albert II laan staan. Maar ik zie ze niet en loop dan maar de gigantische menigte in. Onderweg zie ik een spandoek van de Belgische Klimaatzaak. Ik maak er een foto van en we glimlachen elkaar vriendelijk en begrijpend toe. Ook in deze zaak heeft de Belgische, Vlaamse, Waalse en ‘Duitse’ politiek de burger in de kou gezet. Dwarsliggen en de uitspraken van rechters negeren is wat ze doen.

De huidige Vlaamse en federale regering nemen hun verantwoordelijkheid in de grootste crises ooit (vervuiling, klimaat en biodiversiteitsverlies) niet op

fig3
© Jan Stel

Dan hoor ik de vrolijke tonen van de cancan muziek van de Franse componist Jacques Offenbach, zie ik de vier GvhK-muzikanten en beluister ik het voor deze gelegenheid gevormde GvhK-koor of creatieve kliek zingen. Onze duizendpoot Dirk van der Roost die naar de COP30 in Brazilië zal gaan, blaast met bolle wangen op zijn onafscheidelijke trompet. Het is een gezellig boel. Ik zie bekenden, maar ja je kunt natuurlijk niet iemand omarmen als ze aan het zingen is. Er is een nieuw lied ingestudeerd dat het Kantel-moment is gedoopt. Het verwijst naar de vele kantelpunten op aarde die in de gevaren zone zitten door onze klimaatopwarming. Een bekend voorbeeld is de vertragende Golfstroom.

Ik voel me weer helemaal in mijn element, maak een aantal foto’s en sluit me als één van de allereerste ambassadeurs van de Grootouders aan als bannerdrager. Het aantal banners is veel groter dan vroeger. Ik zie er zo vier verschillende die allemaal de ambities van de Grootouders voor het Klimaat weergeven. Nieuw is de banner met de tekst Wees een Goede Voorouder. Dat is een concept, waarin alle aardbewoners hun verantwoordelijkheid nemen als voorouder van iedereen (en alles) wat na ons op de aarde zal leven. Dit zou eigenlijk vanzelfsprekend moeten zijn!

fig4

Dat is dan ook miljoenen jaren lang bij onze voorouders wel het geval geweest. Het maakt niet uit welke prehistorische voorouder je neemt: ze waren Goede Voorouders, onder vaak uiterst moeilijke omstandigheden. Zelfs onze neven de neanderthalers, waar we soms het bed mee deelden en die elkaar soms en wellicht ook ons, opaten als het even echt tegen zat, waren Goede Voorouders. Inheemse volkeren in bijvoorbeeld het Amazonewoud zijn Goede Voorouders. Maar wij hebben onze banden met de natuur verloren. Wij buiten de natuur uit en stellen ons er vaak op religieuze gronden boven. Wij vinden dat we, dankzij onze technologische ‘vooruitgang’, alles kunnen en mogen. Wij vervuilen niet alleen de atmosfeer (onze klimaatcrisis), maar ook het land en de oceaan. Wij maken er gewoon een zootje van.

Wij vervuilen niet alleen de atmosfeer (onze klimaatcrisis), maar ook het land en de oceaan

Onze klimaatcrisis kent geen grenzen

fig5

Dat onze klimaatcrisis evenals de vervuilingen en het verlies aan biodiversiteit geen grenzen kent, betekent dat alle landen mee moeten. Daarvoor is 10 jaar geleden het Akkoord van Parijs afgesloten. Men beloofde toen plechtig en in een jubelstemming, dat men er alles aan zou doen om onze klimaatnoodtoestand een halt toe te roepen. Na 10 jaar kunnen we een balans opmaken. De conclusie is duidelijk: velen, en zeker de meeste Vlaamse en Belgische politici, laten het afweten. ‘Eerst onze mensen’, las ik op de ramen van het verlaten kantoorgebouw van het Vlaams Belang.

Alle beelden zonder copyright verwijzing, zijn van GvhK/ Liesbet Croughs. 

Wil je dit blogbericht graag afdrukken of de foto's groter bekijken? 
Klik hier om het PDF-bestand te openen.

Puurs-Sint-Amands adopteert Gansakkermolen

29-09-2025

Door de uitvinding van de staakmolen werd het graafschap Vlaanderen 1000 jaar geleden, de innovatieve bakermat van de windmolen. Eeuwenlang voorzagen molens ons van brood. Hierdoor speelden ze een bijzondere en boeiende rol in onze samenleving. Jan Stel bezocht op Open Monumentendag de pas geopende en volledig gerestaureerde Gansakkermolen in Sint-Amands.

Molen

 

De Schelde is een oude rivier. Miljoenen jaren heeft ze klimaat- en zeespiegelverandering doorstaan, totdat de mens zich tienduizenden jaren geleden ook liet zien. Neanderthalers en wij jaagden in het gebied. De Romeinen brachten legerkampen, heerbanen en watermolens. De warme Middeleeuwse klimaatverandering bracht economische ontwikkeling, voorspoed en urbanisatie, waardoor het graafschap Vlaanderen tot bloei kwam. Uiteindelijk ontstond het huidige België en onze tijd van industriële ontwikkeling, bevolkingsgroei, welvaart en urbanisatie. De Schelde ziet het, op het rustige tempo van een getijdenrivier, allemaal aan. Voor haar zijn mensen vervuilende, bezige bijen.

Windvangers uit Vlaanderen

De geschiedenis van Vlaanderen is nauw verbonden met molens. Zo’n 1000 jaar kenmerkte de windmolen het landschap in de Nederlanden, naast de water – en rosmolens. De laatste werd door dieren, zoals paarden, aangedreven. Met de uitvinding van de staakmolen, ergens in de 10de eeuw, werd het graafschap Vlaanderen de bakermat van een reeks van innovaties op dit gebied. Evenals de stoommachine vele eeuwen later, markeert de uitvinding van de Vlaamse staakmolen een kantelpunt in de geschiedenis. De molen is een mechanisch hoogtepunt. De houten molen balanceert immers op een naar alle windrichtingen verdraaibare of, in de taal van de molenaars, verkruibare eiken staak of standaard. Het geheel is een subtiel spel tussen evenwicht, kracht en beweging. Met een bezoek aan de Gansakkermolen stap je in een ander tijdperk, met zijn door de natuur bepaald tempo en ritme.

Met een bezoek aan de Gansakkermolen stap je in een ander tijdperk, met zijn door de natuur bepaald tempo en ritme

Uiteraard werden molens verder ontwikkeld en naast het malen van graan, ook voor andere taken gebruikt. Er ontstonden een reeks van gespecialiseerde molens, zoals de olie-, polder-, zaag-, papier en buskruitmolens. Vlaamse abdijen hebben een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling hiervan. Zo gauw het mogelijk was de windkracht te oogsten, kwam de belastingdienst kijken. Hierdoor kreeg de landheer het recht om de wind te gebruiken en een molen te drijven in ruil voor het jaarlijkse windgeld. Molens werden overigens vaak door de molenaar gepacht, omdat ze de investering niet konden betalen.

Molen
In de molenheuvel van de Gansakkermolen aan de Molendreef in Sint-Amands, is een mooie horeca ruimte voorzien. Het was er druk op Open Monumentendag. Velen wonnen een prijs door een stevige zwier aan het rad van fortuin te geven.

Gansakkermolen uit en in de wind

Sinds 1797 drukte de Gansakkermolen, een koren- en moutmolen, zijn stempel op het Geelse stadsbeeld. Langzamerhand werd hij opgeslokt door de vele uitbreidingen van deze stad in de Kempen. Hierdoor werd de windvang steeds minder. Dat was heel vervelend, want wat is een windmolen zonder wind? Ondanks de in 1981 verkregen status van beschermd monument, raakte hij in verval. In 2014, werd de molen afgebroken, verkocht aan de Koninklijke Vereniging voor Natuur- Stedenschoon (KVNS) en geadopteerd door onze gemeente. 

Samen met de Stichting Kempens Landschap tovert de gemeente deze historische plek om tot een levendige en voor fietsers en wandelaars goed bereikbare ontmoetingsplek, waar je ook kunt genieten van een kop koffie

De vakkundige restauratie werd gedaan door de molenbouwer Wim Adriaens uit het Nederlandse Weert. Hij is de zevende generatie van deze bekende molenmakersfamilie uit de 18de eeuw. Zij lieten de Gansakkermolen als een feniks herrijzen bovenop een bestaande molenbelt van Sint-Amands. Daar heeft tot 1903 een gelijkaardige Schelde- of Koutermolen gestaan. Deze in de 13de eeuw gebouwde houten korenwindmolen langs de Schelde, is nu in ere hersteld. Samen met de Stichting Kempens Landschap, (SKL) tovert de gemeente deze historische plek om tot een levendige en voor fietsers en wandelaars goed bereikbare ontmoetingsplek, waar je ook kunt genieten van een kop koffie.

Open Monumentendag

Op Open Monumentendag, twee dagen na de formele feestelijke opening, werd de Gansakkermolen in al zijn nieuwe glorie aan het publiek gepresenteerd. Ik was er vroeg bij, evenals tientallen andere nieuwsgierigen. Het krappe onafgewerkte parkeerterrein stond al bijna vol met auto’s. De Heras bouwhekken waren versierd met vrolijke SKL-vlaggetjes. De Stichting had een prijsvraag georganiseerd. Wanneer je vier vragen goed beantwoorde, mocht je een zwier aan het rad van fortuin geven. Dat alles werd in goede banen geleid door Katrien van de SKL.

Omdat de eigenaar van de Beansaway Coffee Bar zich nog aan het installeren was, besloot ik in de rij te gaan staan voor een bezoek aan de molen. Molenaars vangen je op; “nog twee mensen” zeiden ze tegen elkaar. Ik vroeg mij af wat mij dan zou overkomen. Ik was de derde persoon af die het trapje van de berg opklom en werd naar de indrukwekkende staart van de molen gestuurd. Daar bekeek ik hoe men de steile trap naar de ingang van de molenkap beklom. Een jonge vrouw met twee kinderen had haar handen vol, terwijl een wat oudere dame geduldig achter hen aan de trap op klom.

Molen
Rechts: Koppeling van de door de wieken aangedreven windmolenas met twee vangwielen naar de maalstoelen met de molenstenen.

Als laatste kwam ik op de galerij aan en liep de molen in. Daar werd de groep in tweeën gespitst. De ene helft ging naar boven om de twee maalkuipen te bekijken. Ik bleef beneden en volgde de enthousiaste uitleg van molenaar Kjell. Op mijn vraag vertelde hij mij dat er zes molenaars zijn, waarvan twee afgestudeerd. Ze zijn allemaal vrijwilligers en hebben in hun vrije tijd een opleiding van één jaar gevolgd. Na een half jaar is er een theoretisch examen, waarna men vervolgens 100 uur ervaring opdoet op andere molens voor men zich molenaar mag noemen. Een molenaar is ook nu nog een echte ambachtsman. Zo regelt hij de snelheid van de wieken door er afhankelijk van de windsterkte, molenzeilen met verschillende oppervlaktes op te leggen. Hij zorgt er ook voor dat de molen recht in de wind wordt gedraaid en gestopt (vangen) als het te hard waait.

6 vrijwillige molenaars, van wie 2 afgestudeerd, volgden in hun vrije tijd een eenjarige opleiding met examen en 100 uur praktijkervaring bij andere molens, want een molenaar is ook vandaag nog een echte ambachtsman

Het bezoek aan de tweede verdieping was zeer de moeite waard. De organisatie ervan was wel komisch, omdat de andere groep eerst de behoorlijk steile en smalle trap af moest zien te komen. Dat lukte uiteindelijk. De twee kinderen en hun zeer bezorgde moeder, kwamen veilig beneden aan. Op het moment dat de eersten naar boven wilden gaan, bleken er nog een reeks nakomers naar beneden te moeten. Die zijn er immers altijd. Al met al was het een gezellige boel en was iedereen behoorlijk onder de indruk van deze schitterend gerestaureerde Puurse molen.

De Molen als cultureel erfgoed met een erotisch tintje

Windmolens hadden een opvallende plaats in het Vlaamse landschap en daardoor ook in de (schilder)kunst. Meesterschilders, zoals Pieter Brueghel (ca.1525-1569) en zijn nakomelingen, evenals Jeroen Bosch (ca. 1450-1516), gaven de windmolen een belangrijke plek in hun schilderijen. De windmolen werd een stijlfiguur en werd als medium tussen hemel en aarde (af)geschilderd. Later namen Nederlandse schilders, zoals Jacob van Ruisdael (1628-1682), dit over. In de Lage Landen drukten de molens immers een grote stempel op het economische en maatschappelijke leven.

Onze voorouders zagen in een windmolen veel meer dan een ingenieuze machine die graan maalde. De molen was in hun korte bestaan een symbool van macht, van huwelijk en voortplanting, van hoop, van toekomst en van de voortschrijdende tijd, van noeste vlijt én van erotiek en losbandigheid. Op elkaar wrijvende molenstenen en de omvorming van zaad en graan tot levenwekkend meel en brood, de graanzak die buiten hing en de grote molenstaart, riepen seksuele en erotische fantasieën op. 

 

Molen
In De bruiloftsstoet van Pieter Brueghel neemt de molen een centrale en symbolische plaats in. Rechts: een molen als wervend symbool voor het beroemde, 136 jaar oude cabaret Moulin Rouge in de rosse buurt van Parijs. © Wikipedia.

Molens in stedelijk gebieden kregen dan ook tot de verbeeldingsprekende namen, zoals het Arendwijf, de Bordeelmolen, de Duvelinne, de Grijpsack, de Helse Draecke, de Schudzak, de Wijde kont, enz. Maar molens waren ook symbolen van zware arbeid en kwelling die Jeroen Bosch verwerkte in zijn helse taferelen. De molenaar, zijn vrouw en zijn dochter, zijn knecht en zijn kat pasten perfect in dit plaatje. Zij speelden de rol van verleiders, vrienden van de duivel of kwade geesten. 

Een bezoek aan deze prachtig gerestaureerde windmolen aan de boorden van de eeuwige Schelde is zeer de moeite waard. Vooral als je even over het hekje stapt en door een weide met bloemen loopt om een foto van de voorkant ervan te maken. Er is een gezellig terras dat wacht op een uitbater die de fietsers en de wandelaars van een kop koffie kan voorzien.

Dodentocht 2025, een sportief en aangenaam volksfeest

26-08-2025
Dodentocht

 

De Dodentocht is een jaarlijkse sportieve wandeltocht door het mooie Klein-Brabantse Scheldeland voor jong en oud, op de tweede vrijdag van augustus. Binnen 24 uur moet een afstand van 100 km worden afgelegd. Hoewel het vertrek- en aankomstpunt in Bornem liggen, kun je bij zo’n lange tocht uiteraard niet om Puurs heen. 12.643 wandelaars trotseren de nacht van 8 augustus en een groot deel van de zaterdag, om dit niet geringe parcours af te leggen. Ze worden ondersteund door familie en vrienden, onder de goedkeurende ogen van talloze enthousiaste supporters die óf een pint nemen óf aan de koffie zitten in het kloppende Puurse Dorpshart, met zijn vrolijke en verkoelende fonteinen.

Weddenschap loopt letterlijk uit de hand

Het verhaal wil dat een paar vrienden in het Bornemse jeugdhuis Kadee, wellicht na een paar pinten, op het idee van de Dodentocht kwamen. Ze hadden, sportief als ze waren, deelgenomen aan de Nijmeegse Vierdaagse in Nederland. De eerste Dodentocht werd in 1970 georganiseerd. Er waren

12.643 wandelaars trotseren de nacht van 8 augustus en een groot deel van de zaterdag, om dit niet geringe parcours af te leggen

65 deelnemers, waarvan 47 de finish haalden. Dat is een slaagpercentage van 72,3%. Tot op de dag van vandaag loopt ongeveer twee-derde van de deelnemers deze tocht door de nacht in weer en wind uit. Dat gebeurt elk jaar, behalve toen de Coronapandemie in 2020, roet in het eten gooide. De Dodentocht werd voor het eerst uitgesteld. In 2021 volgde dan een ‘light-editie’, waarbij de wandeling met ten hoogste 900 deelnemers in twee opeenvolgende dagen van elk 50 km, kon worden afgelegd. Deze editie werd in die zomer op meerdere weekends georganiseerd om het aantal deelnemers te spreiden en toch enkele duizenden deelnames mogelijk te maken.

Dodentocht

 

In de streek leidt deze zware tocht tot een reeks van ‘dorpsfeesten’ bij de controlepunten. Toen we nog in het naburige dorp Ruisbroek woonden, was het een gezellig treffen op de Parking IJzergieter. Daar was een Rode Kruis post en stond er een grote tent met frisdrank én hopen bananen, die de wandelaars kregen. Bij goed weer genoot je van de zwoele zomeravond, ontmoette kennissen en vrienden, pakte een pint en kletste wat af. 

Sinds 1970 is de Dodentocht uitgegroeid tot een uitstekend georganiseerde, internationaal evenement met duizenden deelnemers en vrijwilligers. In 2009 werd de kaap van 10.000 deelnemers genomen tijdens de veertigste editie. In 2016 werd een recordaantal deelnemers bereikt, namelijk 12604. Vanaf 2017 wordt er enkel nog met voorinschrijvingen gewerkt, en sinds 2018 geldt er een maximumaantal inschrijvingen van 13.000 deelnemers. De Dodentocht is populair in binnen- en buitenland. Je moet er vlot bij zijn, want de kaarten zijn meestal in een paar uur verkocht. 

Familiegebeuren zonder zwerfvuil

Dodentocht

 

Zaterdagochtend besloten mijn camera en ik boodschappen te gaan doen bij onze beenhouwer bij het Dorpsplein. Ik was benieuwd naar de vroege vogels. Het is immers bekend dat er altijd een groepje deelnemers is die als hazewindhonden om 21.00 uur in Bornem vertrekken en er de volgende ochtend al terug zijn voor dat de post om 07.00 uur weer open is. Ik pikte nog het staartje van die groep mee. Enigszins verbouwereerd keek ik naar het tafereeltje waarbij een moeder met kind en haar partner een deelnemer aanmoedigden. Nog niet goed wakker dacht ik verbouwereerd: ‘Hè, een moeder met kind? Amai!’ Dit beeld typeert de vriendelijke en gezellige sfeer tijdens dit internationale evenement. Even later werd ik ingehaald door een oudere man met een Zweedse vlag. ‘god morgon, lycka till!’ zei ik spontaan in mijn rudimentair Zweeds. Hij reageerde niet. De vlag ging al snel de hoek om naar de post in cc Binder.

Onze klimaatcrisis gaat, of je dat nu wel of niet wilt zien, helaas gewoon door

De Dodentocht is geen wedstijd, maar een in- en ontspannende stevige en zware wandeling door het Scheldeland. Dankzij onze klimaatcrisis, waarvoor de Vlaamse regering weer eens enthousiast zijn kop in het zand heeft gestoken, was het een zeer warme dag. Toch was het minder warm dan in 2022, dat toen ook het warmste jaar ooit werd. Toen was er een hittegolf, waardoor het gezondheidsrisico om zo’n zware inspanningen te leveren te groot was. De wandeltocht werd toen ingekort tot 66,6 km. Onze klimaatcrisis gaat, of je dat nu wel of niet wilt zien, helaas gewoon door. Onze vervuilende broeikasgassenuitstoot blijft toenemen, evenals de temperatuur en het aantal bosbranden in Europa. De vzw 100 Km Dodentocht – Kadee zorgt dan ook op elke controlepost voor watertappunten. Maar liefst 1300 vrijwilligers leiden dit fantastische evenement in goed banen. Chapeau en hulde aan de vrijwilligers, het Rode Kruis en de politie!

Dodentocht

Het publiek geniet en moedigt aan

De jongste deelnemer die de tocht uitliep is Lili Kiekens uit Mariekerke, lees ik in het Nieuwsblad. Haar familie is uiteraard heel trots op haar. Dat zou ik ook zijn als het mijn dochter was geweest. Je mag pas aan de Dodentocht deelnemen in het jaar waarin je 16 wordt. Dat staat duidelijk in het reglement van de Dodentocht. Dit regelement verklaart deels waarom het zo’n prettig festijn is. Zo is het verboden om uiting te geven aan een politieke of religieuze mening, reclame te maken, wapens te dragen, huisdieren mee te nemen, een vervoermiddel te gebruiken, luidspelende radio’s mee te nemen, nordic walking wandelstokken te gebruiken, enz. Gewone rolstoelen voor gehandicapten zijn wel toegestaan. Het is een heel praktisch reglement dat er op gericht is er een mooie uitdaging voor iedereen van te maken. Overtredingen leiden tot (blijvende) schorsing.

Dodentocht

 

De sfeer in het dorp is heel bijzonder tijdens de Dodentocht. Het mooie weer nodigt uit om een terrasje te pakken en te genieten van het festijn dat aan je voorbijtrekt .Soms loopt iemand na bijna 75 km een beetje mank vanwege de blaren of spierpijn. De familie brengt van alles en lopen stukjes mee. Zo zag ik een mevrouw die een Engelse cockerspaniël droeg en een deelnemer moed in sprak. Het hondje had het blijkbaar warm. Langzaam schoof ze in de richting van de fonteinen met vrolijk spelende kinderen …. en hield haar lievelingshondje even in de straal van een afkoelende fontein! Daarna liep ze wat schuchter verder. Ik schoot in de lach.

De oudste deelnemer was Jekka Goemans die de tocht vorig jaar voor het eerst deed, vergezeld van haar kinesiste legde deze 88-jarige vrouw het parcours af

De oudste deelnemer was Jekka Goemans uit Antwerpen die de tocht vorig jaar voor het eerst deed. Vergezeld van haar kinesiste legde deze krasse 88-jarige vrouw (waar blijven de mannen?) het parcours af. Vlak voor 20.00 uur liep ze fier en onder luid applaus over de eindstreep. Opgeven? Dat woord kent ze niet. “Ik ben te fier, wat zeg ik, te zot om op te geven”, zegt ze tegen de Gazet van Antwerpen. Wij zijn trots dat we Paulien kennen die de Dodentocht voor de zevende keer liep. Paulien is een vriendelijke en kundige verpleegster bij de thuiszorg die mijn vrouw na een schouderoperatie verzorgt. Dat doe ze heel goed.

Ik vroeg haar of ze last had gehad van de wegomleidingen van de Dodentocht. Dat had ze niet. Enthousiast vertelt ze ons dat ze weer had meegedaan. Ik was niet alleen zwaar onder de indruk, maar ook geïnteresseerd naar haar bevindingen, vanwege dit blog. “Wat neem je mee?” vroeg ik. “Water, muziek, een koptelefoon en een poncho” was het antwoord. In gedachten voegde ik daar spontaan een goed humeur aan toe. De blaren had ze zelf doorgeprikt toen ze weer thuis was. Ook wisselde ze niet, zoals velen doen van sokken en schoenen. Er zijn deelnemers die om de 10 km schone sokken aandoen en na 50 km van schoenen wisselen. Het kost € 59 om mee te kunnen doen. Mocht je een warme maaltijd willen dan komt daar nog € 10 bij. Dat had ze niet gedaan. Kordaat als ze is, schoot ik in de lach toen ze zei dat ze haar schoenen pas thuis uitdeed. Haar opgezwollen voeten gingen ‘plof’ spontaan over in een andere vorm die echt niet meer in haar schoenen pasten.

Alle foto's zijn door de auteur gemaakt: Jan Stel

Stoom en ons vooruitgangsgeloof

04-08-2025
afb 3
© Jan Stel

Al jaren tuft en puft het stoomtreintje van de vzw Stoomtrein Dendermonde-Puurs op de zomerse zondagen voorbij ons appartement. Heen en weer: van Dendermonde naar Puurs en van Puurs naar Dendermonde. Oude nostalgie herleeft wanneer je de stoomfluit vrolijk hoort fluiten in de verte. Steenkooldonkere wolken kolken uit het schoorsteentje van de dappere blauwe Wase Kleiputter die met een handjevol mooi gerestaureerd wagons richting Puurs trekt. Op dit eindpunt in het Puurse centrum wacht de koffie, een pint of een duvel én het toilet. Daarna puft het vrolijke treintje weer van Puurs naar Dendermonde dat nu het eindpunt is. Het doet me denken aan het liedje Heen en weer van drs. P. uit mijn jeugd.

De stoomtrein – een ander tijdperk

Destijds was een stoomtrein iets heel moderns, nu is het ouderwets en nostalgisch. Velen van u zullen zich die machtige, roet uitbrakende machines met enorme wielen en drijfassen nog wel herinneren. Het was de Engelsman Thomas Savery die, in 1698, de eerste, nieuwe stoommachine uitvond om ervoor te zorgen dat kolenmijnwerkers geen natte voeten kregen. Hij kwam in contact met zijn tijdgenoot Thomas Newcomen, die zijn ontwerp in 1705 verbeterde. Het was echter James Watt die de Newcomen stoommachine, vanaf 1765, ontwikkelde tot het allround en economisch rendabele werkpaard van de Britse industriële revolutie, die rond 1750 begon.

Destijds was een stoomtrein iets heel moderns, nu is het ouderwets en nostalgisch

Het idee erachter was dat zowat alles wat door mensen, dieren, wind en water werd bewogen, door stoom kon worden vervangen. De economische, maar vooral de sociale gevolgen hiervan waren groot. Ambachtelijke en kleinschalige werkplaatsen groeiden uit tot grote fabrieken. Ze vormden samen een grootschalige industrie. Hun producten werden goedkoper, waardoor steeds meer mensen zich deze konden veroorloven. De keerzijde was het ontstaan van de sterk vervuilde industriesteden, vrouwen- en kinderarbeid, enz. De opbrengsten van het vooruitgangsgeloof kwamen vooral bij de rijkere klasse terecht. Daardoor kwam er ook een moeizaam proces op gang, waarbij iedereen deelde in de groeiende welvaart.

Stoom veroverde de wereld. Om te beginnen in België. Smokkelaars brachten de Britse technologie naar het door de Fransen bezette land. Slechts tien jaar nadat in Engeland de eerste passagierslijn was gerealiseerd, openden de Belgen op 5 mei 1835, de eerste spoorlijn op het Europese continent tussen Brussel en Mechelen. België, met Verviers (laken), Gent (katoen) en Luik (ijzer en staal), werd de koploper van de industrialisatie op het Europese vasteland. België, de bakermat van de Britse industriële revolutie op het Europese continent, heeft een grote historische CO2-uitstootschuld.

De opbrengsten van het vooruitgangsgeloof kwamen vooral bij de rijkere klasse terecht

De keerzijde van de medaille

Het vooruitgangsgeloof heeft ons ontegenzeggelijk vernieuwingen gebracht en uiteindelijk tot onze huidige welvaart geleid. Vanaf het begin is er echter sprake van een scheefgroei en uitbuiting van anderen. Nog beroerder wordt het als we onze volledig uit de hand gelopen relatie met de natuur, waarvan wij slechts een onderdeel zijn, bekijken.

De verschillende fasen van de Britse industriële revolutie, waarin steeds weer nieuwe technologie, zoals nu AI, centraal staat, zijn vanaf het begin de bedreiging van het milieu en daarmee van de mens zelf geweest. Zo veranderde het pittoreske stadje Manchester tussen 1800 en 1850, in een smerige en ongezonde industriestad. Hier joegen stoommachines vuile rookwolken in de lucht en loosden ververijen hun afval direct in de rivier. In Londen veranderde de Thames in een gevaarlijk riool vol besmettelijke ziekten. Dat was de directe prijs die men lokaal voor de vooruitgang betaalde. De Indirecte prijs, op het mondiale niveau, kwam pas bijna een eeuw later: de drievoudige planetaire crisis van vervuiling, klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit. Met de Britse industriële revolutie hebben wij een doos van Pandora geopend.

Blog
Links. Vroeger was de voorruit van jouw auto een slagveld vol dode insecten. Dat is nu voorbij. We hebben de strijd gewonnen. Rechts, de aanslag van ons op de biodiversiteit. Wij zijn een plaag voor het leven op de planeet en graven daarmee ons eigen graf. © RVS 2025.

Te heet onder onze voeten

Dat is de titel van het nieuwe rapport dat de Nederlandse Raad voor Volksgezondheid en Samenleving, RVS, op 21 juli uitbracht. Het is het zoveelste alarmerende rapport over de gevolgen van onze gigantische vervuiling die ook tot onze klimaatcrisis heeft geleid. De op de Nederlandse regering en de politiek gerichte boodschap is duidelijk: doe er wat aan!

In het nieuwe rapport waarschuwt de Raad voor de grote negatieve gevolgen van onze klimaatverandering. Het gaat dan om hittegolven met hittedoden, langdurige, hevige regenbuien en waterbommen met overstromingen, allerlei tropische ziekten die je nu ook in de Lage Landen kunt oplopen, tot de gezondheidseffecten van lucht- water- en bodemvervuiling. De algemene conclusie is dat de planeet ziek is gemaakt door onze vervuilende en verwoestende economische activiteiten. Dat, terwijl een gezonde planeet de juiste omstandigheden biedt voor een leefbaar bestaan.

De algemene conclusie is dat de planeet ziek is gemaakt door onze vervuilende en verwoestende economische activiteiten

In het rapport spelen planetaire grenzen een belangrijke rol. Dat begrip werd in 2009 geïntroduceerd door de Zweedse aardwetenschapper Johan Rockström. Hij stelde negen grenzen vast, waarbinnen de mensheid moet opereren om duurzaam gebruik te blijven maken van de natuurlijke hulpbronnen van de planeet. Vandaag hebben we al zeven van de negen grenzen overschreden. De rest zal snel volgen als we niets veranderen.

Eén daarvan is onze klimaatverandering. Deze moedwillige overschrijding bedreigt onze volksgezondheid op talloze manieren. Hittestress, luchtwegklachten, hart- en vaatziekten, kanker en psychische aandoeningen zijn hiervan voorbeelden. Hetzelfde geldt voor de andere planetaire grenzen, zoals biodiversiteitsverlies, vervuiling en verandering van landgebruik. Hierdoor zit onze wereld in een nooit eerder gekende en zelfgemaakte existentiële crisis, waar de politiek voor weg loopt.

Afb 2
Klimaatrechtvaardigheid in Nederland. © RVS, 2025 en CE Delft, 2017.

In het RVS-rapport worden drie oneerlijke ongelijkheden genoemd op het internationale en nationale niveau. Ten eerste blijkt dat mensen met de laagste inkomens vaak als eerste en het zwaarste de gezondheidseffecten van de veranderende planetaire omstandigheden ervaren. Dit komt o.a. doordat zij weinig middelen hebben om zich hiertegen te beschermen. Ten tweede dragen mensen verschillend bij aan het overschrijden van de planetaire grenzen. Mensen met een hoog inkomen dragen over het algemeen veel meer bij dan mensen met een laag inkomen. Ten derde is de verdeling van de lasten van maatregelen ongelijk. Juist de mensen met de laagste inkomens hebben relatief hoge financiële en maatschappelijke lasten door het huidige, zwakke klimaatbeleid. Hierdoor neemt volgens de Raad, het draagvlak af en het risico toe dat de bestaande ongelijkheden verder toenemen. 

Heen en weer

Klimaatrechtvaardigheid is nog ver te zoeken in de Nederlandse, Belgische, Europese en internationale plannen. Dit ondanks bijna 30 klimaatconferenties en het Akkoord van Parijs dat tien jaar geleden met veel bombarie werd gepresenteerd. Op 18 juni 2025 nam de Vlaamse regering met een nieuw Energie- en Klimaatplan aan. Wereldvreemd als ze al jaren zijn, haalt Vlaanderen bij lange na niet de beoogde reductie van 47 %. Zelfs de eigen ‘ambitie’ van 40 % blijft steken op slechts 33 %. Niet lang daarna laat de Belgische regering weten dat het instemt met de Europese doelstelling om de CO2-uitstoot tegen 2040 met 90 % te verminderen ten opzichte van 1990. Begrijpt u het nog?

Onze overheden zijn al vele malen veroordeeld door verschillende rechtbanken op het nationale, Europese en internationaal niveau en toch neemt men zijn in Parijs afgesproken verantwoordelijkheid niet op

Onze overheden zijn al vele malen veroordeeld door verschillende rechtbanken op het nationale, Europese en internationaal niveau. Toch neemt men zijn in Parijs afgesproken verantwoordelijkheid niet op. Vooral Vlaanderen gaat stoïcijns voort op de ingeslagen doodlopende weg. Op 23 juli heeft het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, op verzoek van de VN, bepaald dat landen door het tekenen van het Akkoord van Parijs, inderdaad verplicht zijn het klimaat te beschermen. Niet handelen is geen optie én in strijd met het internationaal recht. Geïndustrialiseerde landen moeten daarin het voortouw nemen. Het spreekt vanzelf dat België, als springplank van de Britse industriële revolutie op het Europese continent, samen met de EU hierin het voortouw neemt.

Ondertussen rijdt de ruim honderd jaar oude Wase Kleiputter heen en weer tussen Dendermonde en Puurs. Eens waren de uitgestrekte opslagplaatsen van de firma Scheerders Van Kerckhove in Sint-Niklaas, haar domein. Daar was ze in de weer met bouwmaterialen. Nu is ze een herinnering aan vervlogen tijden in het mooie Scheldeland.

Abonneer op Jan Stel