Ons 'apen'land

Het was deze week weer eens zo ver. Eén van de diepe denkers die zich op de hedendaagse klaagmuur, Facebook geheten, zich kwam uitdrukken, vond dat wij in een apenland leven. Een weloverwogen gedachte, want diezelfde persoon vindt wellicht dat een hoop mensen van vreemde afkomst dit land beter verlaten. Kwestie dat de apen het land voor zich alleen hebben.

Wat is er eigenlijk aan de hand in dit kleine stukje wereld? Het grootste deel van de inwoners kan elke dag behoorlijk tot rijkelijk eten en drinken. Mandarijnen, kiwi’s en ananassen zijn altijd voorradig, al dan niet per vliegtuig overgevlogen. Cava is geleidelijk tot nationale drank geworden, we drinken het sneller dan vroeger spuitwater. Wie de kraan opendraait, krijgt drinkbaar water en met een druk op een knop is er licht, internet en televisie.

En toch, een grote ontevredenheid heeft velen in de greep. Meestal zonder echt een directe aanleiding. Neen, de wrok zit overal, over elke pietluttigheid die niet helemaal naar de wensen en de grillen van de boze burger is. De schuld daarvoor wordt bij de ander gelegd: de Waal, de politieke tegenstander, de vreemdeling. Maar ook het uiten van de kwaadheid lost weinig op. Het wordt alsmaar erger en een vonkje leidt tot ontlading.

Zou het kunnen dat we stilaan van alles te veel hebben gekregen en ondanks de vervulling van zoveel wensen, nog altijd niet gelukkig zijn? Wordt het niet tijd om weer wat dankbaar te zijn omdat we in deze tijden op deze plek geboren zijn en opgegroeid? Maar misschien is het voor sommigen nooit genoeg...

9/11/2020

Auteur: André Vansteenbrugge (67) gewezen leraar Nederlands (en psychologie), gewezen adjunct-directeur en directeur van het Atheneum Oudenaarde. In zijn jonge jaren medeoprichter van de literaire tijdschriften Restant en Koebel en schrijft eigenlijk al heel zijn leven lang. Sinds enkele jaren ook grootouder, kort nadat hij weduwnaar was geworden.