Een avondje uit

door Jan

Wat was het lang geleden. Nu de corona beperkingen zo goed als opgeheven zijn, mogen we weer meer sociaal actief zijn. Ook een theaterbezoekje of een optreden behoren weer tot de mogelijkheden.

Maar tot nu hadden we nog geen gebruik gemaakt van deze herwonnen vrijheid. Wellicht waren we het een beetje verleerd, of hadden we de nood nog niet gevoeld, wie zal het zeggen? Feit is dat we toch verheugd waren toen onze dochter ons vroeg om gebruik te maken van twee tickets voor een optreden in de Capitole in Gent.

En het was lang geleden! Meer dan 2 jaar afwezig zijn, en angst voor een besmetting hakken er behoorlijk in. Het leek wel alsof we voor de allereerste keer naar een voorstelling trokken.

Maar het moet gezegd, de oude herinneringen kwamen wel heel snel terug - het begon zelfs al in de parking. We waren gelukkig wat vroeger vertrokken, maar niet vroeg genoeg om ons niet te ergeren aan medemensen,  die per se achterwaarts in een veel te klein vak, in een ondergrondse parking iedereen ophouden. Dat terwijl er wat verderop hopen vrije plaatsen te vinden zijn. Tegenwoordig rijdt iedereen met een soort kleine vrachtwagen, en daar zijn die parkeerplaatsjes niet echt op voorzien. Maar dat kon onze pret niet bederven, want verderop waren er hopen vrije plaatsen, dicht bij de uitgang, en we hadden tijd zat.

In de zaal konden we andere herinneringen ophalen. Zo was ik vergeten hoe storend het kan zijn om iedereen in de weer te zien met hun smartphone. Er moesten selfies gemaakt worden, waarbij het podium ook zichtbaar was. Dus zowat iedereen op de rijen voor ons draaide zich naar ons, met de smartphone in de hand, en toverde een schaapachtige glimlach op het gezicht. Sommigen legden hun gezicht in een draai zoals je alleen in advertenties kan zien. Zodra de foto genomen werd, bevroor hun gezicht terug in een normale plooi. Maar nog was het niet gedaan: de foto moest worden gedeeld op sociale media. Vrienden moesten weten waar ze waren, en hoe leuk het er was ...  Dat er nog niets te zien was, deed even niet ter zake.

Ik ben niet zo opgegroeid met sociale media, of het smartphone gebruik, dus weet ik niet hoe ik mij moet gedragen in dergelijke situaties. Dus begon ik ook schaapachtig te lachen als weer eens iemand op de rij voor ons zich omdraaide voor een selfie. “Jij staat er wel niet op”, reageerde mijn echtgenote. “Je weet maar nooit”, dacht ik bij mezelf.  De wereld mag weten dat ik hier was, en dat ik het leuk vond ...

Maar echt storend waren pas de mensen die het nodig vonden om tijdens de voorstelling foto's of filmpjes te maken. Ik kan me voorstellen dat de licht- en klankmannen een hele klus hebben aan het perfect regelen van de juiste belichting bij de juiste klank - dat versterkt de beleving voor de toeschouwer. Dan zit je niet te kijken, maar ben je als het ware 'in' het stuk. Dat effect gaat helemaal weg als je links en rechts beeldschermen ziet aanflitsen, of nog het geluid hoort van een binnenkomend berichtje. Want ook dat moet meteen gecheckt worden ...

Intussen werd het warmer en warmer op het eerste balkon. Het was duidelijk dat de ventilatie de test van de corona-experten niet zou doorstaan. We ademden lucht in die wellicht al drie keer door iemand anders was uitgeademd, met alle microben en bacteriën van dien. Herinneringen aan corona waren hier ver weg ...

Toch konden we ons concentreren op het geleverde werk op het podium. En dat was prachtig, ook al omdat we zoiets al zo lang hadden moeten missen. We hoorden meeslepende muziek die zo mooi gebracht werd. Toen een soliste uit Oekraïne in de finale een zeer intens nummer bracht, was het applaus dan ook niet gering. 

Zo zie je maar dat muziek verbindt boven alle oorlogen en ongemakken uit.
Zelfs boven een zaal vol smartphone verslaafden.